Het aantal damherten in de Amsterdamse Waterleidingduinen is licht gestegen ten opzichte van vorig jaar, blijkt uit cijfers van de Faunabeheereenheden Noord- en Zuid-Holland.

Afgelopen april zijn er gedurende twee dagen nieuwe tellingen in Noord- en Zuid-Holland geweest. In totaal zijn er 3842 damherten geteld, waarvan 3309 in de Amsterdamse Waterleidingduinen. Dat zijn er 159 meer dan in dezelfde periode in 2018.

Het is de eerste keer sinds het begin van het afschot in 2016 dat er een lichte stijging is. De eerste jaren daalde het aantal damherten in de Waterleidingduinen van bijna 4000 naar 3150. Het jagen richt zich dan vooral ook op de vrouwelijke dieren, de hindes, en daar is dan wel een lichte daling (ruim honderd) van terug te lezen in de cijfers.

In de duinen wordt in de wintermaanden actief gejaagd op de dieren vanwege overpopulatie. Het overschot aan herten zou zorgen voor schade aan de natuur, onveilige verkeerssituaties en de dieren zouden onnodig lijden door voedselschaarste.

Wel daling in Nationaal Park Zuid-Kennemerland

In Nationaal Park Zuid-Kennemerland zet de daling van het aantal damherten zich wel verder voort door het afschot, daar leven nu minimaal 532 herten ten opzichte van 892 in 2016.

De verhouding van volwassen mannetjes en vrouwtjes is nu, alle gebieden bij elkaar opgeteld, één op één. In 2016 was dat nog één hert op twee hindes.

De faunabeheerders vinden het nog te vroeg om in trends te spreken, dat kan pas na meerdere jaren. Het streven is om het totale aantal damherten verder terug te dringen.