In Haarlem is de huismus het meest geteld door vogelliefhebbers die meededen aan de Nationale Vogeltelling. De kleine zangvogel werd maar liefst 1.339 keer in de stad gezien.

Dat blijkt uit de resultaten van de vijftiende Nationale Tuinvogeltelling van Vogelbescherming Nederland en Sovon Vogelonderzoek. Op de tweede plaats staat de koolmees (832 keer). Op de derde plaats staat de kauw, deze werd 783 keer geteld.

Landelijk werd de huismus het meest geteld (165.970 keer). Daarna komt de koolmees (128.929 keer). Op de derde plaats staat de pimpelmees (80.694 keer).

Vogeltellers

Aan het onderzoek deden honderden mensen in Haarlem mee. In heel Nederland gaat het om tienduizenden vogeltellers.