AMSTERDAM: Griekenland kampt al jaren met grote schulden. Een overzicht.

2001: Griekenland krijgt de euro en vervangt de drachme.

2009: De EU stelt dat Griekenland begrotingstekort moet reduceren.

Oktober: de socialistische Pasok van Papandreou wint de verkiezingen en verwerft 160 van de 300 parlementszetels.

Eind 2009 geeft Griekenland toe dat zijn staatsschuld is opgelopen tot 300 miljard euro. Dat vertegenwoordigt dan 113 procent van het bruto binnenlands product.

2010: In mei wordt er een overeenkomst gesloten met de EU en het IMF. Athene bezuinigt de komende drie jaar 30 miljard euro extra in ruil voor noodkredieten ter waarde van 110 miljard euro. Het is de eerste reddingsoperatie voor een lid van de eurozone. De bezuinigingen leiden tot talrijke stakingen.

Juni 2011: Kredietbeoordelaars degraderen Griekse papieren tot de laagst denkbare kredietwaardigheid, de rang CCC.

Juli: Leiders van de eurozone gaan akkoord met een nieuw reddingsplan. Daarmee stellen regeringen 109 miljard euro extra opzij te zetten en de particuliere sector draagt mogelijk 50 miljard euro bij.

27 oktober: EU-leiders bereiken een akkoord met particuliere banken en andere financiële instellingen om de Griekse schuld voor de helft kwijt te schelden. Zij richten zich zo voor het eerst op een aanzienlijke sanering van die schuldenlast.

31 oktober: Papandreou kondigt aan dat hij het laatste reddingsplan in een referendum aan de bevolking wil voorleggen. Frankrijk en Duitsland laten hem 2 november weten dat dit plan onaanvaardbaar is voor de geldschieters.

3 november: Papandreou verliest steun van partijgenoten. De Griekse regering wankelt en Papandreou laat zijn plan varen. De oppositie onder leiding van Antonis Samaras is voor het eerst in de crisis bereid een eenheidsregering te vormen en wijst de de bezuinigingen niet meer volkomen af.

6 november: Papandreou en Samaras bereiken akkoord over vorming van een regering van nationale eenheid. Papandreou stemt ermee in dat hij die niet gaat leiden.