Geconfronteerd worden met de dood is vaak moeilijk. Zeker als iemand uit je directe omgeving ongeneeslijk ziek is. Toch zul je ermee te maken krijgen. Hoe ga je ermee om?

Dat iemand ongeneeslijk ziek is, wil nog niet zeggen dat hij of zij binnen een paar weken overlijdt. "Het kan snel gaan, maar ook nog jaren duren", zegt Dorien Tange, belangenbehartiger voor ongeneeslijk zieke kankerpatiënten bij de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties. (NFK).

Of iemand nu nog een paar weken of een paar jaar heeft, één ding is zeker: diegene gaat op een andere manier naar tijd kijken. "Wanneer het einde in zicht is, krijgt tijd een hele andere betekenis", legt Joanne van Walsem uit. Zij is psychotherapeut en gz-psycholoog bij het Ingeborg Douwes Centrum en OLVG en begeleidt groepsbijeenkomsten voor de partners van mensen die zullen overlijden aan kanker. "Als je niet meer beter wordt, verandert je toekomstperspectief drastisch. Het kan dat je het gevoel krijgt niet meer mee te tellen."

De zieke gaat door een heel ander proces dan degene die achterblijft, zegt Van Walsem. Partners zijn volgens haar juist met de toekomst bezig. "Vaak zijn zij er bang voor. Zij blijven straks immers alleen achter."

“Erover praten maakt ook duidelijk waar iemand bang voor is.”
Joanne van Walsem, psychotherapeut en gz-psycholoog

Partners hebben de neiging zichzelf totaal weg te cijferen, zegt de gz-psycholoog. Ze laten de behoeftes van de zieke voorgaan. Dat is begrijpelijk, maar ook onverstandig. Van Walsem: "Op de lange termijn is dit lastig vol te houden. Als partner komen er al veel extra zorgtaken op je bord."

Ze adviseert dan ook om hulp van vrienden en familie te accepteren. "Ook is het belangrijk om met én zonder je partner leuke dingen te blijven doen."

'Niet elke dag, maar voer het gesprek over de dood'

Dat iemand niet meer beter wordt, betekent niet dat je het elke dag over de dood hoeft te hebben. Maar volgens Tange is het belangrijk om dit gesprek op een bepaald moment wél te voeren. "Door over iemands levenseinde te praten, kom je er ook achter wat iemands wensen en behoeftes zijn, legt ze uit. "Zo hebben sommige mensen een sterke wens om thuis te sterven. Als dit het geval is, moet dit van tevoren worden besproken met de huisarts."

"Erover praten maakt ook duidelijk waar iemand bang voor is. Mensen kunnen bang zijn voor de dood, maar ook voor verstikking of pijn", legt Tange uit. "Als je dat weet, kan dit ook met de huisarts besproken worden. Die kan dan uitleggen wat hij of zij kan doen om de pijn te verlichten en dat kan de patiënt geruststellen."

Hoe graag je ook zou willen, angst voor de dood kun je als naaste niet wegnemen. "Doodgaan is een eenzaam proces", aldus Van Walsem. Het beste wat je kunt doen, is volgens haar samen veel tijd doorbrengen. "Stop je eigen en de gevoelens van de ander niet weg."