Het aantal kinderen in de jeugdzorg is nog altijd hoog, terwijl de Nederlandse jeugd wel gelukkig is. Gaat er iets mis in de opvoeding? En hoe voorkomen we verdere toename?

Een op de tien jongeren kreeg in 2018 te maken met jeugdzorg, zo blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS). Dit zijn achtduizend jongeren meer dan in 2017.

Die stijging is geen nieuw fenomeen, legt Tom van Yperen, expert Jeugdstelsel bij het Nederlands Jeugdinstituut uit. "Tussen 2000 en 2009 verdubbelde het aantal kinderen in de jeugdzorg." De laatste jaren zet die stijging in mindere mate door. "Desondanks zijn het wel veel kinderen."

Onder jeugdzorg valt zowel de jeugdhulp, jeugdbescherming als de jeugdreclassering voor jongeren tot 23 jaar.

Groot aantal eenoudergezinnen en scheidingen

Studies wijzen niet direct op één reden voor de toenemende cijfers, er is een combinatie van oorzaken. "Eén van die oorzaken lijkt te liggen bij het opgroeien en opvoeden van kinderen. Zo is er een groter aantal eenoudergezinnen en (vecht)-scheidingen."

“Een lastig of druk kind heeft tegenwoordig snel een gedragsprobleem”
Tom van Yperen, expert Jeugdstelsel bij het Nederlands Jeugdinstituut

Daarnaast ervaren jongeren en kinderen veel prestatiedruk rondom hun schoolwerk en studie, aldus Van Yperen. "Maar desondanks heeft de jeugd het niet zo veel slechter. Daarom vermoeden we dat het ook komt omdat we anders tegen problemen en risico's aankijken." We problematiseren gedrag snel en zijn geneigd om hulp te zoeken, vindt Van Yperen.

"Een lastig of druk kind heeft tegenwoordig snel een gedragsprobleem. We zijn normaal gedragslabels gaan geven, dat is onderdeel geworden van onze cultuur en werkwijze." We houden daarbij weinig rekening met het feit dat veel problemen vanzelf overgaan of horen bij het opgroeien.

Vergelijk het met de huisarts, legt Van Yperen uit. "Kom je daar met buikpijn, dan zegt hij of zij ook dat je het even aan moet kijken omdat het vanzelf weg kan gaan. Dat doen we te weinig met veelvoorkomende problemen van kinderen."

Voorbeelden van 'normale' problemen bij kinderen en jongeren

  • 0-2 jaar - voedingsproblemen; slaapproblemen; scheidingsangst; angst voor vreemden, donkerte en geluiden
  • 2-4 jaar - angst voor vreemden, donkerte en geluiden; koppigheid; driftbuien; agressie; ongehoorzaamheid; druk/overactiviteit
  • 5-12 jaar - Ruzies en regelovertreding; concentratie-problemen; laag prestatieniveau; schoolweigering; kattenkwaad; stelen of vandalisme als incident; ritualistisch gedrag
  • 12-17 jaar - Gebruik psychoactieve stoffen (alcohol, drugs); twijfels over identiteit en/of toekomst; problemen met uiterlijk; problemen met autoriteiten; incidenteel spijbelen

Kinderen geven hun leven een 7,7

Nederlandse kinderen zijn de gelukkigste ter wereld, aldus Kinderombudsman Margrite Kalverboer na onderzoek onder tweeduizend kinderen in 2018. Ze geven hun leven gemiddeld een 7,7, waar dit twee jaar geleden nog een 7,4 was.

“Onze opvoedstijl is met de jaren veranderd”
Margrite Kalverboer, Kinderombudsman

"Onze opvoedstijl is met de jaren veranderd naar een meer democratische versie, waarin met kinderen wordt gepraat en overlegd. Dat maakt dat veel kinderen ook heel tevreden zijn met hun thuissituatie", zegt Van Yperen.

Een op de tien kinderen geeft hun leven een onvoldoende, dit zijn vooral kinderen boven de twaalf. Uit de enquête blijkt dat kinderen die met jeugdhulp te maken hebben, hun leven een 6,4 geven.

Nederlandse kinderen geven hun leven gemiddeld een 7,7. (Foto: ANP)

Jeugdzorg is laagdrempeliger geworden

Een andere oorzaak van de groei is mogelijk de manier waarop de zorg is ingericht. In de periode 2000-2009 werd onder meer Bureau Jeugdzorg in het leven geroepen en werd de jeugdzorg laagdrempeliger. "Dan wordt er uiteraard ook meer gebruik van gemaakt."

Sinds de gemeenten in 2015 verantwoordelijk zijn geworden voor jeugdzorg, draait daar ook alles om laagdrempeligheid.

Een derde oorzaak is dat de kennis die er is, niet altijd gebruikt wordt om vragen over opgroeien en opvoeden te beantwoorden, zegt Van Yperen.

Voorbeelden in de praktijk laten zien dat vragen van ouders al in een vroeg stadium worden beantwoord als hulpverleners op school rondlopen en bij de huisarts zitten. "Dat maakt verdere hulp dan overbodig."

De expert benadrukt dat er natuurlijk ook een groep is met ernstige problematiek die direct aangewezen is op intensievere jeugdzorg. "Maar desondanks mag er ook wel meer aandacht zijn voor het feit dat veel kinderen gelukkig zijn en dat veel problemen heel gewoon zijn."

Tips voor wie twijfelt

Voor ouders die worstelen met de opvoeding van een kind, heeft Van Yperen wel wat tips. "Er is veel informatie online te vinden. Kom je er daarmee niet uit, vraag dan eens om advies op school, bij een begeleider op school of iemand van een wijkteam." Mocht dit niets uithalen, dan zijn mogelijk wel verdere stappen nodig.

Opvoeden is een kwestie van leren, met vallen en opstaan, wil Van Yperen benadrukken. "Schaam je niet als je vragen hebt en praat hier ook over met andere ouders. Die zijn vaak bereid om mee te denken of hulp te bieden."