Een aanzienlijk deel van de patiënten met endeldarmkanker hoeft na de pre-operatieve bestraling niet meer geopereerd te worden. 

Uit gegevens van de International Watch and Wait Database (IWWD) blijkt dat de tumor bij 20 procent van de patiënten niet meer zichtbaar is na de bestraling en daardoor is een operatie, waarbij een deel van de endeldarm verwijderd wordt, niet meer nodig.

De resultaten van de studie, uitgevoerd door artsen van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) en het Antoni van Leeuwenhoek, zijn gepubliceerd in het tijdschrift The Lancet.

Volgens arts-onderzoeker Maxime van der Valk wordt er bij het constateren van endeldarmkanker niet altijd een onderscheid gemaakt in tumoren met een hoog en een laag risico. 

"Patiënten met een hoogrisicotumor worden voorafgaand aan de operatie behandeld met een combinatie van chemotherapie en bestraling. In ongeveer 20 procent van de gevallen is het zo dat de tumor weken na de behandeling niet meer zichtbaar is. In dat geval kan de operatie soms achterwege gelaten worden."

Terugkerende tumor

Wel moeten er volgens Van der Valk regelmatig controles worden uitgevoerd. "Bij 25 procent van de mensen die de methode ondergaan, komt de tumor in de eerste twee jaar alsnog terug op dezelfde plek. In dat geval wordt de operatie alsnog uitgevoerd." 

Dit wordt de watch and wait-methode genoemd en kan bij patiënten veel onzekerheid veroorzaken. Daarom kiest een deel van de patiënten al gelijk voor een operatie.

In Nederland worden er jaarlijks meer dan 13.000 patiënten met darmkanker gediagnosticeerd. Bij ongeveer een derde van deze patiënten is er sprake van een tumor in de endeldarm.