Er zou een zogenoemde bemiddelingsorganisatie opgezet moeten worden waar (toekomstige) ouders en draagmoeders elkaar kunnen vinden. Daarvoor pleit het FIOM, het kenniscentrum voor vraagstukken rond zwangerschap en afstamming.

Volgens het FIOM is er meer animo voor het draagmoederschap, van zowel hetero- als homostellen.

Momenteel moeten personen in hun eigen kring op zoek naar een draagmoeder, iets wat volgens gynaecoloog Roel Schats van het VU medisch centrum in Amsterdam vaak niet lukt. Dit ziekenhuis is het enige waar "wensouders" terechtkunnen voor "hoogtechnologisch draagmoederschap" (waarbij draagmoeders via ivf een embryo krijgen geplaatst.

Echter is er geen plek in Nederland waar stellen op zoek kunnen naar een draagmoeder, of waar vrouwen die draagmoeder willen worden zich kunnen melden. "Het zou goed zijn als daarin verandering komt", zegt hij aan De Volkskrant.

Het FIOM schaart zich hierachter. "Als je de mogelijkheden van draagmoederschap in Nederland versterkt, voorkom je avonturen in landen waar draagmoeders worden uitgebuit", zegt FIOM-beleidsmedewerker Hans van Hooff. "De buitenlandse route is niet in het belang van kinderen, die soms later niet weten wie hen op de wereld heeft gezet."

Engelse model   

Zowel het FIOM als Schats pleiten voor het zogenaamde  "Engelse model", waarbij geen winstoogmerk gemoeid is. De ouders en de draagmoeder worden hier gescreend, begeleid en aan elkaar gekoppeld.

In Nederland mogen er geen commerciële belangen betrokken zijn met draagmoederschap, waardoor de wet hier moet worden aangepast om zo'n draagmoederbank op te kunnen zetten. In 2016 werd door de staatscommissie Herijking ouderschap gepleit om de regels te versoepelen. In het regeerakkoord is aangekondigd dat hier onderzoek naar wordt gedaan.

Ook pleit het FIOM dat homostellen meer mogelijkheden krijgen voor draagmoederschap. Bij het VUmc worden nu alleen heterokoppels geholpen, omdat hoogtechnologisch draagmoederschap alleen werkt op "medische indicatie", waarbij wordt geëist dat zowel de ei- als zaadcel van de toekomstige ouders zijn. Deze oproep wordt gesteund door zowel de stichting Meer dan Gewenst en de NVOG, de beroepsvereniging van gynaecologen.