De 85-plussers in verpleeg- of verzorgingstehuizen voelen zich vaak even gezond als leeftijdsgenoten die zelfstandig wonen. Wel hebbend de ouderen die op deze leeftijd in de tehuizen wonen, meer aandoeningen. 

Dat meldt het CBS op basis van nieuwe analyses van de Gezondheidsenquête en het Onderzoek ouderen in instellingen.

Ouderen die zelfstandig wonen, voelen zich met de jaren minder gezond. De zogenoemde ervaren gezondheid in die groep neemt af van 68 procent (in de leeftijdscategorie 55-75 jaar) naar 47 procent (bij 85-plussers).

Bij tehuisbewoners neemt het gevoel van gezondheid juist toe: van de leeftijdsgroep 55-75 naar 85 jaar en ouder stijgt het percentage van 27 naar 46 procent.

Aandoeningen

Uit het onderzoek komt verder naar voren dat 80 procent van de tehuisbewoners fysieke beperkingen heeft. 44 procent kampt met ernstige fysieke beperkingen (moeite met naar het toilet gaan en aan- en uitkleden) en 37 procent heeft zeer ernstige fysieke beperkingen (niet zonder hulp in en uit bed stappen of opstaan uit een stoel).

Ouderen die zelfstandig wonen, hebben meestal minder beperkingen. Verder hebben thuiswonende 80-plussers minder last van (chronische) aandoeningen, hoewel sommige aandoeningen ongeveer net zo vaak voorkomen als bij tehuisbewoners, zoals diabetes (18 tegenover 21 procent bij tehuisbewoners) en astma, chronische bronchitis en longemfyseem (13 tegenover 15 procent bij tehuisbewoners).

Buiten beeld

In 2016 woonden 116 duizend mensen van 55 jaar en ouder langdurig in tehuizen, wat neerkomt op 2 procent van de 55-plussers. Dertig procent van hen is 90 jaar of ouder. In 1998 woonden nog 141 duizend 55-plussers (4 procent van het totaal) in een tehuis.

In totaal werden 1.600 tehuisbewoners ondervraagd over hun gezondheid en leefsituatie. Zij bleven tot nu toe buiten beeld in enquêteonderzoeken van het CBS.