De kans op een geslaagde ivf-behandeling lijkt mogelijk groter te zijn indien een ivf-arts het embryo een uur voor het inbrengen goed onderzoekt. Dat wordt gedaan door er bijvoorbeeld in te knijpen.

Volgens onderzoekers aan de Stanford University kan men aan het knijpen merken of het embryo gezond is of niet. Indien het embryo te hard of te zacht is, is de kans op een succesvolle zwangerschap een stuk kleiner, schrijft The Telegraph.

In het onderzoek, waarin muizen getest werden, is bewezen dat de kans op succes 50 procent groter is geworden nadat er in de bevruchte eicel is geknepen en aangevoeld werd of het niet te hard of te zacht was. "Onze collega's waren dan ook zeer verrast toen bleek dat een simpele methode voor zulke resultaten zorgde", licht een onderzoeker toe.

Embryo's die te hard of te zacht waren hadden doorgaans een fout in hun genen, die een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van cellen, DNA en chromosonen.

De kans dat een vrouw bij een ivf-poging zwanger raakt ligt momenteel rond de 30 procent. De nieuwe methode kan ervoor zorgen dat het percentage op 50 procent komt te liggen.