Duizenden Nederlanders die maagzuurremmers slikken hebben last van pijnlijke spierkrampen. Deze klachten kunnen indirect worden bestreden met inulinevezels, die vooral in witlof te vinden zijn.

Dat blijkt uit onderzoek van het Radboudumc.

Drie miljoen Nederlanders gebruiken dagelijks maagzuurremmers. Bij een deel van de gebruikers treedt een magnesiumtekort op dat pijnlijke spierkrampen en zelfs hartritmestoornissen kan veroorzaken. Uit het onderzoek van het Radboudumc blijkt dat dit tekort voorkomen kan worden door inulinevezels toe te dienen. Daar zijn mogelijk duizenden mensen bij geholpen.

Omeprazol

Magnesium speelt een rol bij het samentrekken van spieren, bij de werking van zenuwen en zorgt voor botstevigheid. Opname via de darmen is essentieel voor de magnesiumhuishouding.

De maagzuurremmer omeprazol remt het transport van magnesium. Jaarlijks belanden hierdoor enkele vaste gebruikers van deze maagzuurremmer in het ziekenhuis met spierkrampen en hartritmestoornissen.

Duizenden gevallen

Promovendus Mark Hess van het Radboudumc onderzocht 200 mensen die maagzuurremmers gebruiken. 13 procent van hen had een magnesiumtekort dat klachten als spierkrampen en vermoeidheid veroorzaakte.

Hess: "In Nederland gebruiken naar schatting drie miljoen mensen langdurig maagzuurremmers, dus mogelijk kampen duizenden mensen met magnesiumtekorten. Het probleem bij een magnesiumtekort is dat je lang geen symptomen hebt en daardoor gebruiken mensen het vaak langdurig."

Behandeling

Hess zocht naar een mogelijke behandeling voor patiënten met een magnesiumtekort door gebruik van omeprazol. De voedingsvezel inuline, die onder andere in witlof zit, verlaagt de zuurgraad in de darm waardoor magnesium beter wordt opgenomen.

Hess liet tien patiënten inuline innemen bij het eten. Tegelijkertijd gingen ze gewoon door met het slikken van omeprazol. Na veertien dagen was er een herstel van de magnesiumconcentratie in het bloed. Klachten als vermoeidheid en spierkrampen namen af. 

In de toekomst zal de voedingsvezel in een grotere patiënten groep worden getest. Hess: "De patiënten die aan het onderzoek hebben meegewerkt, gebruiken nog altijd inuline."