Vrouwen die als twintiger de pil slikken, lopen veel minder risico om op latere leeftijd baarmoederkanker te krijgen. Britse onderzoekers schatten dat zo de laatste tien jaar honderdduizenden gevallen zijn voorkomen.

Dat blijkt uit een grootschalige analyse in The Lancet Oncology.

De onderzoekers bestudeerden de gegevens van bijna 27.300 vrouwen met baarmoederkanker en 116.000 vrouwen zonder baarmoederkanker uit Europa, Noord-Amerika, Azië, Australië en Zuid-Afrika. Vrouwen die de pil slikken, blijken een beduidend lager risico te lopen om de kanker te ontwikkelen. Voor elke vijf jaar pilgebruik daalt het risico zelfs met een kwart.

Door de pil, aldus de wetenschappers, is in landen met een hoog inkomen het percentage vrouwen die vóór hun 75ste baarmoederkanker krijgen, gedaald van 2,3 procent naar 1,3 procent. Tussen 2005 en 2014 werden door het pilgebruik in die landen zo’n 200.000 gevallen van baarmoederkanker voorkomen.

Langdurig

"Het beschermend effect houdt zelfs nog jaren na de inname van de pil aan", zegt Valerie Beral van de University of Oxford, die het onderzoek coördineerde. Zelfs bij vrouwen die het middel slechts enkele jaren hebben ingenomen. 

Vrouwen die als twintiger (of op jongere leeftijd) de pil namen, lopen zelfs dertig jaar later veel minder risico op baarmoederkanker. Dat is belangrijk, want baarmoederkanker treft vrouwen eerder na de overgang dan in de jaren waarin ze typisch de pil slikken.

Nadelen

De pil heeft ook negatieve effecten. Zo verhoogt ze het risico op bepaalde hart- en vaatziekten, op borstkanker en op baarmoederhalskanker. Maar het risico op die twee laatste kankers zou snel afnemen van zodra vrouwen stoppen met de pil nemen. Dit dus in tegenstelling tot de langdurige bescherming die vrouwen genieten tegen baarmoederkanker door de pil te nemen.