Staatssecretaris Martin Van Rijn van Volksgezondheid gaat zestien miljoen euro steken in een campagne om begrip voor en kennis van dementie te vergroten.

Met het geld moet er een netwerk van 'dementievrienden' worden opgezet, aldus Van Rijn. Deze zogenaamde vrienden moeten kennis over de ziekte verspreiden. Dit kunnen mensen zijn die in hun beroep met dementie te maken hebben, zoals politiemedewerkers en buschauffeurs. 

Doel is dat meer mensen de 'vergeetziekte' sneller herkennen en ernaar kunnen handelen. Het gaat niet alleen om familieleden maar ook om winkelpersoneel en buschauffeurs. Het moet ook leiden tot meer begrip als dementerenden opeens iets niet meer weten of als ze in lastige situaties komen.

Naar verwachting krijgt Nederland de komende tijd meer met dementie te maken door de vergrijzing.

"Dementie is verschrikkelijk. En of we willen of niet: dementie zal de komende jaren een steeds grotere rol in ons dagelijks leven spelen. Daarom zet ik in op één miljoen paar extra oren en ogen'', aldus Van Rijn.

Van Rijn bezoekt woensdag in Doorn een supermarkt die als eerste een certificaat voor 'dementievriendelijke winkel' ontvangt. Zo'n initiatief sluit aan bij de wens van het kabinet dat mensen zo lang mogelijk zichzelf kunnen redden en thuis blijven wonen.

Knelpunten

Verder gaat de staatssecretaris met gemeenten, zorgverzekeraars en zorgaanbieders uitzoeken waar nog knelpunten zitten in hun samenwerking bij de zorg voor dementerenden.

Al eerder trok het kabinet 32,5 miljoen euro uit voor onder meer wetenschappelijk onderzoek naar dementie. Momenteel hebben ongeveer 260.000 mensen dementie en dat zal in 2050 zijn opgelopen tot naar schatting 400.000.