Bij een groep mannen waarbij een eerste prostaatonderzoek negatief uitkwam, testte een aantal in een latere test toch positief op prostaatkanker.

Dat blijkt uit onderzoek van New York University School of Medicine, gepubliceerd in The Journal of Urology.

De onderzoekers verzamelden gegevens van 1837 mannen die een prostaatbiopsie hebben ondergaan tussen 1995 en 2010. Hierbij keken ze naar het aantal onderzoeken, de uitslagen en de behandelingen.

1213 mannen testten bij het eerste onderzoek negatief. Bij 255 deelnemers werd echter vaker onderzoek gedaan. 64 mannen kregen na deze onderzoeken alsnog te horen dat zij prostaatkanker hadden.

Gleasonscore

Van de proefpersonen met prostaatkanker hadden 33 een Gleasonscore van lager dan zes, dit is relatief laag en een weinig agressieve vorm. De gleasonscore geeft aan welke groeisnelheid prostaatkanker heeft. 22 mannen hadden een zeven, tegenover acht mannen met een negen. Dat betekent dat het een redelijk aggresieve vorm is. 

Na het vaststellen van de Gleasonscore is vervolgens gekeken naar het belang van behandelen. Het belang van behandelen werd steeds groter naarmate er vaker onderzoek nodig was om de aanwezigheid prostaatkanker vast te stellen. Wanneer er pas bij de derde of vierde biopt kanker gevonden werd, nam de behandelnoodzaak toe.

Bij de mensen boven de 70 jaar oud die vaker onderzocht zijn, bij mensen waarbij 20 weefselmonsters zijn afgenomen en mensen die voor de vierde keer onderzocht werden, was het waarschijnlijker dat er prostaatkanker gevonden werd.