Zorgverzekeraar Achmea heeft een kort geding gewonnen over de manier waarop medicijnen worden ingekocht. 

Farmaceutisch bedrijf Janssen-Cilag en de vereniging voor mensen met de huidziekte psoriasis PVN hadden de zaak aangespannen, omdat ze verwachten dat een patiënt mogelijk niet het medicijn krijgt dat het beste bij hem of haar past.

De rechtbank in Utrecht vindt echter dat Achmea de regels voor de inkoop van geneesmiddelen niet heeft geschonden.

De grootste zorgverzekeraar van Nederland heeft volgens de eisers een systeem opgezet waarbij ziekenhuisartsen vanaf 1 januari worden verplicht zich bij het voorschrijven van geneesmiddelen te houden aan een ranglijst. Het zijn veelal dure medicijnen tegen reuma, psoriasis en de ziekte van Crohn.

Janssen-Cilag, producent van geneesmiddelen, vindt dat Achmea de 'voorschrijfvrijheid' van de arts beperkt. Achmea ontkent dat sommige medicijnen worden opgedrongen en dat artsen verplicht zijn zich aan de ranglijst te houden.

Wie verzekerd is bij Achmea zou hierdoor mogelijk niet het geneesmiddel krijgen dat voor hem of haar het beste is. De rechter vindt dat het inkoopbeleid van Achmea geen inbreuk maakt op de onafhankelijheid van artsen. Ook beperkt het verzekerden niet in hun keuzevrijheid.

Een woordvoerster van Janssen-Cilag reageerde teleurgesteld op het vonnis.