Meer dan een half miljoen Nederlanders hebben last van incontinentie. Maar nog een grotere groep zegt in meer of mindere mate last bij het plassen te hebben. 

Dit blijkt uit een onderzoek van GfK onder duizend mensen in opdracht van de Continentie Stichting Nederland (CSN).

Dat alleen ouderen te kampen hebben met plasklachten is een fabel. Circa een half miljoen mensen hebben te maken met incontinentie. Driekwart van de respondenten had de afgelopen twaalf maanden af en toe tot vaak last van plasklachten.

Dan gaat het bij vrouwen vooral om een sterke aandrang tot plassen. Mannen hebben meer te maken met een moeilijker op gang komende plas.

Onwetendheid

Er bestaat veel onwetendheid over dit onderwerp. Zo denkt een op de vier dat plasklachten vaker voorkomen bij mannen dan bij vrouwen. De werkelijkheid is andersom. 65-plussers denken vaker dat het een mannenprobleem betreft.

De meerderheid (62 procent) is het eens met de stelling dat plasklachten nog taboe zijn in Nederland. 15 procent van de mensen met plasproblemen praat hier uit schaamte nooit over en nog eens 20 procent doet dit soms wel maar vindt het niet prettig.

En als men het er wel over heeft is dat vooral met de eigen partner gevolgd door familie en kennissen. De huisarts komt pas op plaats vier.

Huisarts

"Veel mensen beseffen de impact van het hebben van plasklachten niet", zegt Ruud Bosch, uroloog bij UMC Utrecht en bestuurslid van CSN. "Het is nog steeds lastig om hier over te beginnen. Veel mensen komen daardoor in een sociaal isolement terecht, terwijl er zeker oplossingen zijn."

Volgens Bosch wijst het onderzoek uit dat een overgrote meerderheid (87 procent) het eens is met de stelling dat je met plasklachten naar de dokter kunt gaan. "Toch lopen juist veel mensen met hun plasklachten door uit schaamte. Zij gaan niet naar de huisarts." 

Om dit taboe te doorbreken organiseert CSN op 18 september 2014 de eerste Nationale Plasdag.