Ziekenhuizen kunnen patiënten bij wie sprake is van een acute, ernstige verwardheid, een zogeheten delirium, sneller helpen door in een vroeg stadium de hersenactiviteit te meten.

Zo'n EEG-meting verkort de opname op de intensive care en verlaagt de kans op overlijden. Dat blijkt uit onderzoek van technisch geneeskundige Willemijn van der Kooi, die donderdag op haar bevindingen promoveert.

Ongeveer de helft van de patiënten op de intensive care en een kwart van alle oudere ziekenhuispatiënten krijgt een delirium. Momenteel proberen ziekenhuizen de risico's te ondervangen met vragenlijsten, maar deze methode is niet waterdicht.

Zorgverleners missen zo ongeveer de helft van de deliriumgevallen, waardoor de behandeling vaak te laat begint.

Van der Kooi ontdekte dat met een eenvoudige en al langer bestaande EEG-meting patiënten met een delirium goed kunnen worden herkend. Ze vergeleek de elektrische hersengolven van 26 deliriumpatiënten met bijna evenveel andere zieken.

Het patroon van hersengolven bij mensen met een delirium blijkt trager en onregelmatiger te zijn. Het resultaat van de meting is in één minuut duidelijk.

Meetinstrument

Het UMC Utrecht wil deze resultaten gebruiken om een speciaal meetinstrument op de markt te brengen. Het instrument zal bestaan uit een hoofdband met enkele elektroden en een kastje zo groot als een mobiele telefoon om de deliriumwaarde op af te lezen.

Het instrument, waarmee ook verpleegkundigen kunnen werken, geeft met een getal de ernst van delirium aan.

Met het prototype start binnenkort een grootschalig vervolgonderzoek in drie Nederlandse ziekenhuizen en een Duits ziekenhuis met in totaal ruim hondervijftig patiënten.