Twee keer per week vis eten vermindert het risico op een depressie bij vrouwen met 25 procent. Dat blijkt uit een onderzoek van het Menzies Research Institute.

Het team volgde gedurende vijf jaar meer dan 1400 mannen en vrouwen van 26 tot 36 jaar. De deelnemers hielden bij wat ze aten, waaronder welke soorten vis. Ook werden er gegevens over hun geestelijke gezondheid bijgehouden.

Zelfs na correctie voor andere factoren, zoals roken, gewicht, beweging, alcoholconsumptie, opleidingsniveau en beroep, bleek er een verband te zijn tussen het eten van vis en depressie.

Vrouwen die een keer per week vis aten, bleken 6 procent minder risico op een depressie te hebben. Vrouwen die twee maal per week vis op het menu zetten, hadden 25 procent minder risico op een depressie. Bij mannen werd er geen link gevonden tussen visconsumptie en depressieve symptomen.

Mannen

Waarom vis dit effect heeft op vrouwen, maar niet op mannen, weten de wetenschappers nog niet. Mogelijk zorgen de omega-3-vetzuren in vis in combinatie met de vrouwelijke geslachtshormonen oestrogeen en progesteron ervoor dat het vrouwenbrein goed functioneert. Het zou kunnen dat mannen toch al meer omega-3-vetzuren binnen krijgen via andere bronnen, bijvoorbeeld uit vlees.

De resultaten van het onderzoek verschenen in het American Journal of Epidemiology.