Nieuw  Zweeds onderzoek toont aan dat IVF-kinderen geen grotere kans hebben op autisme dan kinderen die op een natuurlijke wijze zijn verwekt.

Wel laat het onderzoek een licht verhoogd risico op een geestelijke achterstand zien bij kinderen geboren door middel van ICSI.

ICSI is een afkorting van 'intracytoplasmatische spermatozoön injectie'. Dit betekent dat één zaadcel in één eicel ingebracht wordt door ze te injecteren.

Het onderzoek is vandaag gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift JAMA. Het is de grootste en meest uitgebreide studie die het verband bekijkt tussen Autisme Spectrum Stoornissen (ASS) en mentale retardatie (geestelijke achterstand) en IVF/ICSI.

De studie omvatte meer dan 2,5 miljoen kinderen geboren in Zweden. Het team gebruikte gegevens van the Swedish National Health Registers. De kinderen geboren tussen 1982 en 2007 werden gevolgd tot 2009.

Risico

Teamleider Sven Sandin van King's College London en zijn collega’s analyseerden het risico op ASS en mentale retardatie bij kinderen geboren uit IVF of ICSI.

De resultaten tonen aan dat meer kinderen werden geboren met een verstandelijk beperking na  ICSI vergeleken met IVF. De absolute aantallen waren echter zeer klein: een toename van 62 tot 93 gevallen per 100.000 kinderen.

De wetenschappers ontdekten ook een verhoogd risico op autisme na ICSI, 29 tot 136 gevallen per 100.000, maar dit risico verdween weer toen er naar andere factoren die een rol kunnen spelen, zoals de geboorte van een meerling werd gekeken.

Geruststellende studie

“De meeste kinderen die door middel van IVF of ICSI worden geboren zijn helemaal gezond.  Naar mijn mening is dit een heel geruststellende studie”, zegt Sven Sandin.

Waarom het risico op mentale retardatie bij kinderen geboren door middel van ICSI enigszins hoger is, is onduidelijk volgens de onderzoekers.