Snelle testen voor bloed- en urineonderzoek in de huisartsenpraktijken worden niet altijd correct uitgevoerd en bewaard. Dit kan veiliger en beter, zo blijkt uit onderzoek van het RIVM, de Universiteit Twente en het NIVEL.

Het onderzoek richtte zich op het gebruik in de huisartsenpraktijk van zogenoemde point-of-care (POC-)testen.

Dit zijn apparaten of teststrips die aan het bed van patiënten of in de huisartspraktijk kunnen worden gebruikt om snel een diagnose te stellen. Voorbeelden zijn bloedglucosemeters voor diabetes of nitrietteststrips voor urineweginfecties. Deze testen worden steeds meer gebruikt.

Uit het onderzoek blijkt dat in de huisartspraktijken niet voor alle kwaliteitseisen altijd voldoende aandacht is, bijvoorbeeld bij opslag, kalibratie en onderhoud. Verder voert niet iedereen universele hygiënische maatregelen uit.

Bij de meting van glucose worden bijvoorbeeld in slechts de helft van de onderzochte praktijken de handen gewassen en minder dan de helft reiningt de vinger voor de prik. Terwijl het nalaten hiervan ernstige fouten kan veroorzaken.

Om een goede kwaliteit van zorg te handhaven en risico's op fouten met POC-testen in huisartspraktijken te voorkomen, is het aan te bevelen bestaande richtlijnen voor huisartsen uit te breiden voor het gebruik van POC-testen.