Alle vrouwen die 42 weken zwanger zijn, zouden standaard een inleiding (kunstmatige opwekking bevalling) moeten krijgen. Langer afwachten op een bevalling brengt namelijk grotere risico’s voor moeder en kind met zich mee.

Dat concludeert klinisch verloskundige Corine Verhoeven van Máxima Medisch Centrum na medisch- wetenschappelijk onderzoek. Zij promoveert met haar onderzoek aan de Universiteit van Amsterdam.

In Nederland zijn vijf tot tien procent van de zwangere vrouwen 'over tijd': de zwangerschap duurt langer dan 42 weken. Om problemen voor te zijn, worden zij verwezen naar de gynaecoloog en moeten daarom in het ziekenhuis bevallen.

Controlemetingen

Op basis van controlemetingen in het ziekenhuis bij moeder en kind brengt men de bevalling daar kunstmatig op gang (inleiding) óf wacht men een natuurlijke bevalling af.


Verhoeven raadt naar aanleiding van haar promotieonderzoek aan om bij 42 weken zwangerschap altijd in te leiden en niet langer te wachten tot de bevalling zelf inzet. Uit haar onderzoek blijkt dat inleiden niet leidt tot meer spoedkeizersneden en dat afwachten vanaf 42 weken grotere risico’s met zich meebrengt voor moeder en kind, dan het kunstmatig opwekken van de bevalling.

Daarnaast onderzocht Verhoeven bij een normale bevalling (bevalling tussen 37 en 42 weken zwangerschap) modellen, ingrepen en testen die de kans op een keizersnede na inleiding voorspellen. De onderzochte methodes hadden een geringe voorspellende waarde. Het aantal ingrepen en keizersnede neemt toe en dat vindt Verhoeven verontrustend.

Bij een keizersnede is het risico op complicaties groter dan bij een natuurlijke bevalling; vooral ook voor toekomstige zwangerschappen. Het is volgens Verhoeven dan ook belangrijk dat we ons inspannen om juist vrouwen die voor het eerst bevallen een zo groot mogelijke kans op een vaginale baring te geven.