AMSTERDAM - De farmaceutische industrie zet zich meer in om medicijnen beschikbaar te maken voor arme landen.

Dat blijkt uit de Access to Medicine Index die woensdag is gepresenteerd.

De samenstellers concluderen dat er branchebreed meer wordt gedaan dan in 2010 om mensen in ontwikkelingslanden toegang te geven tot geneesmiddelen.

Het bedrijf GlaxoSmithKline heeft nog altijd de leiding in de index, maar andere farmaceuten komen hier steeds dichterbij. Johnson & Johnson die twee jaar geleden nog op 9 stond, volgt Glaxo nu op de voet. Sanofi is gestegen van de 5e naar de 3e plaats.

De Access to Medicine Index, opgericht door Wim Leereveld, toetst iedere twee jaar farmaceuten op hun beleid voor het verbeteren van toegang tot medicijnen. Er wordt bijvoorbeeld gekeken naar de ontwikkeling van nieuwe medicatie voor verwaarloosde tropische ziekten. En naar de prijzen die farmaceuten vragen voor hun medicijnen in ontwikkelingslanden.

Armsten ter wereld

Zeventien van de twintig bedrijven doen volgens de index meer dan in 2010. Ze ontwikkelen bijvoorbeeld meer middelen tegen ziekten die vooral de armsten ter wereld treffen.

Zo ontwikkelt Sanofi een medicijn tegen leishmaniasis dat patiënten zelf thuis op de huid kunnen aanbrengen. Johnson & Johnson is een samenwerking aangegaan om een eenvoudige, draagbare en snelle tbc-test te ontwikkelen, waar geen arts of verpleegkundige bij nodig is.