BAARN - Parkinsonpatiënten krijgen op een bepaald moment allemaal moeite met lopen. Sporten helpt, zo blijkt uit onderzoek van de University of Maryland.

De onderzoeksresultaten zijn gepubliceerd in de Archives of Neurology.

Vaak gaan parkinsonpatiënten voorover leunen, bewegen hun armen stijfjes langs het lichaam en worden hun passen kort en schuifelend.

De onderzoekers verdeelden 67 mensen met Parkinson die wat moeite hadden met lopen in drie groepen. Elke groep ging drie maanden lang drie keer per week sporten.

Bij de eerste groep bestond de training uit een half uur stevig wandelen op een loopband, op 70 tot 80 procent van hun maximale hartslag. De tweede groep wandelde langer maar minder intenstief op een loopband. Zij liepen telkens 50 minuten met een hartslag van 40 tot 50 procent van het maximum. De derde groep deed rekoefeningen en krachttraining.

Looptest

Na drie maanden deden de proefpersonen een looptest waarbij ze in zes minuten zo ver mogelijk moesten wandelen. Iedereen bleek vooruitgang geboekt te hebben, maar wel in verschillende opzichten.

Bij de wandelaars was de conditie verbeterd. De krachttraining versterkte de spieren van de deelnemers.

Beide vormen van bewegen zorgden ervoor dat de proefpersonen weer sneller konden lopen. De grootste verbetering in loopsnelheid was te zien bij proefpersonen die op een lage intensiteit hadden gewandeld tijdens de trainingen.

Voordelen

"De resultaten suggereren dat een combinatie van verschillende vormen van bewegen - zowel cardio- als krachttraining - mogelijk de meeste voordelen biedt", zegt Lisa Shulman.