AMSTERDAM - Als voedingsfabrikanten niet snel minder zout en vet in hun voedsel stoppen, worden ze daartoe verplicht met wetgeving.

De fabrikanten hebben tot eind dit jaar om hun leven te beteren, dreigt minister van Volksgezondheid Edith Schippers (VVD) maandag in de Volkskrant.

Over het te hoge gehalte aan vet en zout in voedsel wordt al jaren gesteggeld. Schippers vindt dat fabrikanten het probleem niet snel genoeg aanpakken. Toch krijgen de producenten nog wat respijt. Als zij meewerken is het resultaat volgens haar beter.

Gemiddeld heeft iemand ongeveer zes gram zout per dag nodig. In de praktijk krijgen mannen bijna tien en vrouwen ongeveer 7,5 gram zout per dag binnen. Door langdurig te veel zout binnen te krijgen lopen mensen meer kans op ernstige ziekten.

Campagnes

De minister overlegt maandag met de Kamer over haar preventiebeleid in de gezondheidszorg. De voorgangers van Schippers probeerden vooral via landelijke campagnes aan te dringen op een gezondere leefstijl.

"Toen zijn veel adviezen afgevuurd op mensen, via folders en tv-spotjes. Dat is een schot hagel dat geen doelt treft", zegt Schippers in de krant.

"In hartje Amsterdam zijn andere middelen nodig dan op het platteland in Friesland", legt ze uit. Ze wil daarom mensen op lokaal niveau aanspreken. Dat moet gebeuren via scholen, clubs en verenigingen. Ook voor de verschillende groepen allochtonen is volgens haar maatwerk nodig. "Hindoestanen hebben andere gezondheidsproblemen dan Marokkanen of Turken."