BAARN - Kinderen zijn vatbaarder voor ziekten. Zij kunnen hun weerstand minder goed versterken dan volwassenen. Zweedse onderzoekers hebben op basis van het speeksel van kinderen een mogelijke verklaring gevonden voor dit fenomeen.

Het speeksel in de mondholte wordt geproduceerd door de grote en kleine speekselklieren. De kleine klieren zijn verantwoordelijk voor ongeveer 10 procent.

Ze produceren een substantie die het slijmvlies smeert, maar ook antimicrobiële stoffen bevat. Deze stoffen zijn onderdeel van zowel het aangeboren (aspecifiek) als het verworven (adaptief) afweersysteem.

Stofjes

Onderzoeker Mikael Sonesson van Malmö University bekeek of de aanwezigheid van de aspecieke en adaptieve componenten in het speeksel verandert met de leeftijd. Hiervoor bestudeerde hij het speeksel van 200 mensen.

De resultaten laten zien dat kinderen bijvoorbeeld een kleinere hoeveelheid van de verworven anti-stof immunoglobuline A (IgA) in hun speeksel hebben dan volwassenen. De hoeveelheid van de meeste aspecifieke, dus aangeboren, stoffen was wel gelijk bij kinderen en volwassenen.

Volgroeien

Dit verschil kan worden verklaard door het feit dat het immuunsysteem bij kleine kinderen nog niet volledig ontwikkeld is: deze ontwikkeling vindt plaats tussen het 10 en 12e levensjaar. Sommige onderdelen van het aangeboren afweersysteem zijn al wel volledig 'uitgegroeid' bij jonge kinderen. Het gaat dan om algemene immuunreacties op ziekteverwekkers.

Het onderzoek van Sonesson betreft de weerstand van gezonde kinderen. Bij ziekte ligt waarschijnlijk weer anders. Vervolgonderzoek zal dit moeten uitwijzen.