DEN HAAG - De nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) waarschuwt tegen het geregeld eten van wolhandkrab uit vervuilde wateren met een vangstverbod.

De krabben uit deze wateren bevatten hoge concentraties dioxines.

Twee keer per jaar van deze krabben eten, kan al leiden tot overschrijding van de maximale toelaatbare blootstelling aan de giftige dioxines.

Dit blijkt uit onderzoek door bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering (BuRO) van de nVWA. De resultaten zijn dinsdag naar buiten gebracht.

Krabsoep

De wolhandkrab is in 1931 voor het eerst in Nederlandse wateren gevangen. De dieren leven zowel langs de kust als in brakke en zoete wateren. Het vangstverbod geldt sinds 1 april van dit jaar. De dieren worden vooral geserveerd in Chinese en Zuidoost-Aziatische restaurants en als krabsoep (bisque).

Het BuRO raadt de ministeries van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, en Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan om de Europese Commissie en de EU-lidstaten op de hoogte brengen van de onderzoeksresultaten. Op het ogenblik loopt onderzoek naar wolhandkrabben in wateren waar nog geen vangstverbod geldt.