MAASTRICHT - Als alle kennis en ervaring in een ziekenhuis over boezemfibrilleren wordt samengebracht in een aparte polikliniek, verbetert de kwaliteit van zorg en daalt het aantal sterfgevallen en opnames.

Dat stelt het UMC Maastricht in een evaluatie van de resultaten van de eigen polikliniek over de afgelopen twee jaar.

Slechts 1,1 procent van de patiënten overleed, terwijl de sterfte onder de patiënten die een 'gewone' behandeling kregen, bijna 4 procent was.

Er hoefden ook minder patiënten van de poli in het ziekenhuis te worden opgenomen: 13,5 procent tegen 19,1 procent onder de patiënten die buiten de poli werden behandeld.

Integrale aanpak

Volgens de onderzoekers ligt het succes in de integrale aanpak: speciaal opgeleide verpleegkundigen begeleiden de patiënten onder supervisie van een cardioloog.

Via speciale computerprogramma's wordt gecontroleerd of de behandeling goed verloopt en of de internationale behandelrichtlijnen optimaal worden toegepast.

Boezemfibrilleren

Boezemfibrilleren is een veelvoorkomende hartritmestoornis. Ongeveer 200.000 Nederlanders lijden eraan. Op zich hoeft het niet gevaarlijk te zijn maar op lange termijn kan het ernstige gevolgen hebben, zoals trombose of beroerte.

Meer Nederlandse ziekenhuizen zijn bezig speciale poli's op te richten voor gespecialiseerde behandeling.