EAST LANSING - Bijna 1 miljoen kinderen in de Verenigde Staten zijn mogelijk onterecht gediagnosticeerd met de aandachtstekortstoornis ADHD. Nieuw onderzoek van Michigan State University wijst hier op.

De jongste kinderen van een klas krijgen relatief vaker gedragsveranderende medicijnen als Ritalin voorgeschreven dan de oudere kinderen in een klas.

Blijkbaar lopen zij meer risico om verkeerd gediagnosticeerd te worden, omdat ze jonger zijn en dus ook meer kinderlijk gedrag vertonen.

Omdat er geen tastbaar medisch bewijs voorhanden is om te bepalen of een kind wel of geen ADHD heeft, zijn patiëntjes afhankelijk van de beoordelingen van leraren en artsen. De onderzoekers vrezen dat zij te weinig rekening houden met het verschil tussen de jongste en oudste kinderen in een klas.

1 september

Voor het onderzoek werden gegevens van 12.000 kinderen jonger dan zeven jaar uit het Early Childhood Longitudinal Study Kindergarten Cohort bestudeerd.

Hieruit bleek dat de jongste kleuters 60 procent meer kans hadden om het stempel ADHD te krijgen, dan de oudste kleuters uit dezelfde klas. Zo had een kind dat op 31 augustus is geboren veel meer kans op de diagnose ADHD dan een kind dat een dag later, op 1 september, is geboren.

ADHD is de gedragsstoornis die het meest gediagnosticeerd is in Amerika. 4,5 miljoen kinderen zouden daar last hebben van deze aandachtstekortstoornis. Maar dit onderzoek lijkt aan te tonen dat 20 procent hiervan mogelijk verkeerd gediagnosticeerd is.

Symptomen

De onderzoekers hopen dat artsen en psychologen zich niet alleen laten leiden door de perceptie van de leraar die een kind ziet dat zich minder goed gedraagt dan de rest.

Zij vinden dat de diagnose ADHD pas gesteld kan worden bij een kind jonger dan zeven wanneer er meerdere symptomen van aandachtstekort of hyperactiviteit aan te wijzen zijn en wanneer deze symptomen langer dan zes maanden aanwezig zijn; zowel op school als thuis.

Het onderzoek verschijnt in de Journal of Health Economics.