DEN HAAG - Sluiting van drie van de zes kinderhartcentra in Nederland leidt mogelijk op korte termijn al tot een hoger sterftecijfer onder kinderen met een aangeboren hartafwijking.

Dat stelt de Patiëntenvereniging Aangeboren Hartafwijkingen (PAH) woensdag in een reactie op het besluit van minister Ab Klink van Volksgezondheid om drie centra te sluiten.

De vereniging stelt dat minimaal vier hartcentra open moeten blijven, te weten de centra in Rotterdam, Leiden, Utrecht en Groningen.

Fusie

Het kinderhartcentrum in Utrecht maakte al voor het besluit van minister Klink bekend te gaan fuseren met het kinderhartcentrum van het Universitair Medisch Centrum St Radboud in Nijmegen.

Met het openhouden van vier centra is de patiëntenvereniging ervan overtuigd dat kinderen met een aangeboren hartafwijking kwalitatief goede zorg krijgen op redelijke afstand van hun woonplaats.