DEN HAAG - Kankerpatiënten kunnen straks voor bepaalde soorten kanker ook de nieuwe protonentherapie krijgen. Deze behandeling richt minder schade in het lichaam aan dan de gangbare bestraling.

Hierdoor kunnen complicaties worden voorkomen. Het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) zal per aandoening gaan kijken of de protonentherapie in aanmerking komt voor vergoeding vanuit de ziektekostenverzekering.

Minister Ab Klink (Volksgezondheid) heeft het CVZ woensdag laten weten zich te kunnen vinden in de voorzichtige introductie in Nederland van de protonentherapie.

Aan de hand van buitenlands onderzoek moet per type kanker bekeken worden of de therapie ook echt helpt en of het niet te duur wordt. Toepassing van de protonentherapie vergt grote investeringen in gebouwen en apparatuur.

Effect

Wereldwijd hebben ruim 40.000 patiënten de behandeling ondergaan. Het effect van de bestraling met protonen is op zich niet anders dan bij bestaande radiotherapie, maar het grote voordeel is dat de bestraling veel gerichter is.

Daardoor ontstaat er in de omgeving van de tumor minder schade en krijgt het gezwel zelf wel de volle laag.

Zeldzame tumoren

Protonentherapie wordt nu vooral toegepast bij zeldzame tumoren, waarbij het belangrijk is dat omliggend weefsel niet geraakt wordt.

Met toepassing bij oogtumoren, kan voorkomen worden dat het oog verloren gaat. Bij tumoren van het centrale zenuwstelsel voorkomt de protonentherapie schade aan hersenen en ruggenmerg.

In 2010 komen in Nederland bijna 50.000 mensen in aanmerking voor radiotherapie. Van hen zouden hoogstens achtduizend protonentherapie kunnen krijgen. Bij deze groep weegt de toegevoegde waarde op tegen de extra kosten.

Nu gaan Nederlanders die de therapie nodig hebben vaak naar het buitenland voor behandeling.