Ernstig zieke kinderen zouden met kleinere volumes beademd moeten worden dan tot nu toe gebeurt. Dit concludeert kinderintensivist Feico Halbertsma van Máxima Medisch Centrum in zijn promotieonderzoek aan het UMC St Radboud.

Kunstmatige beademing is één van de meest toegepaste levensreddende behandelingen bij (te vroeg geboren) kinderen op de intensive care. Het is al langer bekend dat deze beademing longschade kan veroorzaken waardoor kinderen kortademig en benauwd kunnen blijven.

Gunstig effect
Dit nadelig effect kan volgens Halbertsma teruggedrongen worden door kinderen in kleinere volumes te beademen en daarbij onvolledige koolzuurgas uitademing voor lief te nemen. Dit lijkt namelijk een gunstig effect te hebben.

Halbertsma stelt: "In de dagelijkse klinische praktijk worden behandelstandaarden van volwassenen vaak doorvertaald naar kinderen terwijl kinderen heel anders gebouwd en ontwikkeld zijn. Zo ook op het gebied van kunstmatige beademing. Daarom is het zo waardevol dat dit onderzoek bij kinderen is verricht."

Door het onderzoek van Halbertsma kunnen in de toekomst praktische behandelmogelijkheden ontwikkeld worden om longschade door beademing te beperken of te voorkomen.