Vrouwen die deelnemen aan het bevolkingsonderzoek naar borstkanker gaan bij tussentijdse klachten die mogelijk op borstkanker wijzen op tijd naar de huisarts. Dit concluderen onderzoekers van het Erasmus MC.

De vraag bestond of deelneemsters aan het onderzoek een huisarts zouden raadplegen in het geval van tussentijdse klachten. Mogelijk zouden zij dit uitstellen omdat ze gerustgesteld waren door een eerdere gunstige uitslag in het bevolkingsonderzoek. Dit blijkt dus niet zo te zijn. De onderzoekers publiceren hierover op 1 augustus in het International Journal of Cancer.

Gunstige uitslag
In Nederland worden iedere twee jaar 1,8 miljoen vrouwen in de leeftijd van 50 tot 75 jaar gescreend op borstkanker. 98,5 procent van deze vrouwen krijgt een gunstige uitslag. Bij ruim 3000 vrouwen wordt in de twee jaar na het onderzoek alsnog borstkanker geconstateerd.

Kennis
Uit het onderzoek blijkt ook dat de gescreende vrouwen voldoende kennis hebben over borstkanker. De diagnose borstkanker kan over het algemeen bijtijds gesteld worden, omdat huisartsen hun patiënten snel doorverwijzen.

Alhoewel dit onderzoek aangeeft dat deelname aan het bevolkingsonderzoek niet leidt tot een extra lang uitstel van de diagnose, benadrukken de onderzoekers dat het voor alle vrouwen van belang blijft alert te zijn op veranderingen in de borst en bij klachten direct de huisarts te raadplegen.