Rokers slapen minder diep dan niet-rokers en voelen zich vaak minder goed uitgerust na een hele nacht slaap.

Uit hersenonderzoek onder rokers blijkt dat er 's nachts kleine ontwenningsverschijnselen optreden, waardoor de slaap lichtelijk verstoord wordt. Ook maakt de nicotine het moeilijker om in slaap te vallen.

Veertig rokers van middelbare leeftijd zijn onderzocht. Van hen klaagde 23 procent 's ochtends dat zij nog steeds moe was, tegenover 5 procent van de niet-rokers. Uit de hersenactiviteit blijkt dat rokers lichter slapen dan niet-rokers.

De onderzochte mensen hadden geen andere kwalen die het slaapgedrag kunnen beïnvloeden.