Het aantal gemeenten met hondenbelasting is opnieuw licht gedaald. Dit jaar heffen 193 gemeenten belasting op het bezit van een hond, acht minder dan vorig jaar, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dinsdag.

Gemeenten verwachten komend jaar zo'n 51 miljoen euro op te halen met de hondenbelasting, 2,9 procent minder dan in 2019. Ongeveer een half procent van de gemeentelijke opbrengsten komt uit de hondenbelasting.

Den Haag verwacht de grootste opbrengst, met ruim 2 miljoen euro. In de hofstad betaalt een hondeneigenaar per hond 124,08 euro per jaar.

Het aantal gemeenten dat hondenbelasting heft, daalt al jaren. In 2010 werd nog in 308 van de 431 gemeenten hondenbelasting geheven. In 2020 is dat gedaald naar 193 van de 355 gemeenten. In verhouding is het aantal gemeenten met een hondenbelasting gedaald van 71 procent naar 54 procent.

De hondenbelasting komt het meest voor in stedelijke gebieden. Zeven van de tien gemeenten met een sterk stedelijk karakter heffen belasting op het bezit van een hond. In niet-stedelijke gemeenten heft maar één op de drie gemeenten belasting op honden; in Drenthe zelfs niet één.