Sommige zorgverzekeraars verrasten met een kleine daling van de zorgpremie voor volgend jaar, maar ook veel verzekeraars hebben de premie juist omhooggegooid. Samen met de halvering van de maximale collectiviteitskorting betekent dit voor veel verzekerden een premiestijging.

Peter Ruys van vergelijkingssite Zorgkiezer merkt op dat de verschillen tussen de goedkoopste en de duurste verzekering nog nooit zo groot zijn geweest.

De premie voor de duurste zorgverzekering is volgend jaar in totaal 492 euro hoger dan die van de goedkoopste, berekende Zorgkiezer. Ook is er geen basisverzekering zonder vrijwillig eigen risico meer voor minder dan 100 euro per maand.

"Over het algemeen zijn de premies wel gestegen", zegt Bas Knopperts, verzekeringsexpert van vergelijker Independer. Hij zegt ook dat de voorspelling van het kabinet - dat een stijging van 3 euro per maand verwachtte - wel redelijk klopt.

Flinke premieverhogingen bij sommige verzekeraars

Knopperts legt verder uit dat een lagere zorgpremie voor de basisverzekering door de verlaging van de collectiviteitskorting niet altijd tot een lager maandbedrag leidt.

"Het lijkt mooi: de premie gaat omlaag. Maar als de korting nog harder omlaaggaat, dan ben je onder de streep negatief uit." Hij geeft het voorbeeld van iemand die dit jaar nog met 10 procent korting 108,86 euro betaalt. Wanneer de maandpremie met 1 euro daalt, maar de korting naar 5 procent wordt verlaagd, is die persoon alsnog 113,95 euro per maand kwijt.

Bij sommige verzekeringen zijn de premieverhogingen erg flink. In sommige gevallen loopt het verschil op tot 11 procent. Vaak geldt bij de duurdere verzekeringen ook een collectiviteitskorting. Een halvering van de maximale collectiviteitskorting betekent voor sommige mensen daarom een stijging van de maandpremie van wel 15 euro, rekent Ruys voor.

Ongeveer twee derde van de verzekerden profiteert van een collectiviteitskorting. Zo'n 60 procent van de Nederlanders is ook nooit overgestapt, merkt Ruys op. Hij vermoedt dat deze twee groepen overeenkomen.

Verzekeraars krijgen wel korting, maar geen voordeel

Die maximale collectiviteitskorting werd in 2018 verlaagd door minister Bruno Bruins (Medische Zorg). De korting was bedoeld voor het doorgeven van een inkoopvoordeel dat een verzekeraar in theorie zou kunnen behalen voor een groep verzekerden. In de praktijk bleek er nauwelijks sprake te zijn van zo'n voordeel.

Om toch die korting te bieden, verhoogden verzekeraars eerst de premie. "Omdat de verzekeraar geen voordeel haalde, maar wel korting moest geven, leidde het ertoe dat die eerst de prijzen moest verhogen om vervolgens de korting te geven", legt Ruys uit.

"Als je werkgever het goed voor elkaar had met de maximale korting, dan moet je nu het meest bijbetalen. Tegelijkertijd zie je die goedkoopste labels weer licht stijgen", vertelt Ruys.

Tot eind dit jaar kunnen verzekerden hun zorgverzekering opzeggen. Wie voor 31 december de bestaande verzekering beëindigt, kan nog tot 30 januari 2020 overstappen naar een nieuwe verzekeraar.