Belastingen, aftrekposten en toeslagen: we hebben er nogal wat. Maar waar zijn ze precies goed voor en waar komen ze vandaan? In Jouw belastingcenten nemen we elke keer een andere toeslag of belasting onder de loep. Deze keer: de inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Hoe krijgen we de vrouwen aan het werk? Die vraag staat al sinds de jaren negentig hoog op de agenda van Nederlandse beleidsmakers. "Het is heel hardnekkig. Ook als we nu zien dat vrouwen wel steeds meer uren maken - het is lastig te achterhalen waardoor dat precies komt", zegt Anne Roeters, onderzoeker bij het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

Veel burgers begrijpen niet waarom vrouwen per se meer uren zouden moeten draaien. Het SCP wijst dan op het feit dat een op de vijf werkende vrouwen een inkomen onder het bijstandsniveau heeft; onder mannen gaat het om een op de vijftien. Vier uit de tien huwelijken eindigen in een scheiding, waarna vrouwen er wat betreft koopkracht 25 procent op achteruitgaan. Bij mannen is de afname 0,2 procent.

Andere veelgehoorde argumenten voor het draaien van meer uren, is dat dit de personeelstekorten in de zorg en het onderwijs zou kunnen oplossen. Het bruto binnenlands product (bbp) zou met 114 miljard euro groeien als Nederlandse vrouwen evenveel zouden werkten als vrouwen in andere landen, aldus consultancybedrijf McKinsey.

Korting voor een miljoen ouders

Een fiscale maatregel die vrouwen aan het werk moet krijgen, is de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK). Partners die het minst verdienen of alleenstaanden die hun werk combineren met ouderschap komen in aanmerking voor de korting. In de praktijk zijn dat meestal moeders.

De ouder moet jaarlijks wel minimaal 4.993 euro verdienen om te profiteren van dit fiscale voordeel: 11,45 procent belastingkorting op inkomsten boven de 4.993 euro. Er is ook een bovengrens: je kunt maximaal 2.835 euro krijgen.

“Maar vaak werkt deze regeling niet als je wil dat ze echt veel uren maken, evenveel als mannen bijvoorbeeld.”
Arjan Lejour, hoogleraar Belastingen

Ongeveer een miljoen ouders hebben recht op de korting die de schatkist zo'n 1,8 miljard euro kost.

Werkt het? Zorgt de IACK ervoor dat vrouwen meer werken? Volgens het Centraal Planbureau (CPB) wel: De korting leidde tot meer arbeidsparticipatie en jaarlijks gemiddeld 860 euro aan extra inkomen voor moeders met jonge kinderen.

Boven een bepaald inkomen houdt de korting op

Maar er zitten ook andere fiscale gereedschappen achter deze inkomensstijging, zoals de verhoogde kinderopvangtoeslag, merkt het CPB op. Wat de langetermijneffecten van de IACK zijn, durven de onderzoekers nog niet te zeggen.

Sinds 1 januari wordt de inkomensafhankelijke combinatiekorting op een nieuwe manier berekend. Volgens de Consumentenbond houden veel ouders onder de streep daardoor juist minder geld over als ze meer gaan werken. Alleen ouders die jaarlijks tussen 4.993 en 34.000 euro verdienen, houden netto meer over, concludeert de bond.

“Hoogopgeleide ouders verdelen de zorg voor kinderen veel gelijker dan anderen.”
Anne Roeters, onderzoeker bij SCP

"IACK kan effect hebben als je wil dat vrouwen van helemaal geen werk naar een klein baantje gaan. Maar vaak werkt deze regeling niet als je wil dat ze echt veel uren maken - evenveel als mannen bijvoorbeeld", meent Arjan Lejour, programmaleider publieke financiën bij het CPB en hoogleraar Belastingen aan de Tilburg University. "Dit komt mede doordat er een maximum zit op de IACK. Boven een bepaald inkomen houdt de belastingkorting op."

Fiscale pogingen lijken beperkt effect te hebben

Je moet ook niet te veel verwachten van fiscale gereedschappen, zegt Lejour. "Ouders merken dat het anderhalfverdienersmodel beter werkt dan het tweeverdienersmodel. Je zou iets aan de instituties moeten doen als je dat wil veranderen, zoals minder ouderparticipatie op school en een andere regeling voor ouderschapsverlof. Dan zou er meer ruimte zijn voor vrouwen om meer te werken."

Het lijkt alsof de fiscale pogingen van de afgelopen decennia beperkt effect hebben gehad op de gewerkte aantal uren onder Nederlandse vrouwen. Zij werken gemiddeld 28 uur per week en zijn daardoor verreweg de grootste parttime werkende groep in de EU. In geen ander Europees land is het verzamelinkomen van vrouwen in vergelijking tot dat van mannen zo laag als bij ons.

Als je wil dat vrouwen meer gaan werken, lijkt de schoolbank de sleutel te zijn: "Hoogopgeleide ouders verdelen de zorg voor kinderen veel gelijker dan anderen. In deze groep zie je ook veel kleinere verschillen in werkuren en inkomens tussen vrouwen en mannen", weet Anne Roeters uit haar onderzoek.

"De echte vrouw-mankloof zie je terug onder laagopgeleiden. Het zou kunnen dat vrouwen uit die groep een lagere kwaliteit van werk ervaren. In deze groep zie je ook veel minder steun voor het overheidsstreven om het aantal werkuren van vrouwen te verhogen."