Het pensioenoverleg tussen de regering, werkgevers en werknemers wordt weer opgestart, nadat de FNV eind vorig jaar is weggelopen uit de onderhandelingen. Er wordt al ruim tien jaar overlegd over een nieuw pensioenstelsel. Een overzicht.

2008

De financiële crisis slaat toe. De financiële sector wordt hard geraakt en ook de pensioenfondsen krijgen het zwaar te verduren. In het eerste kwartaal van het jaar ligt de gemiddelde dekkingsgraad van de pensioenfondsen op 132,3 procent. Een jaar later is dat percentage ingestort. De gemiddelde dekkingsgraad ligt dan op 91,8 procent.

2009

Het kabinet wil de AOW-leeftijd verhogen om de kosten van de vergrijzing te kunnen betalen. De toenmalige minister van Sociale Zaken, Piet Hein Donner, vraagt steun aan werkgevers en werknemers. Zij moeten voor oktober een plan maken voor de verhoging van de pensioenleeftijd, waarmee vanaf 2011 jaarlijks tot 5 miljard euro bespaard moet worden.

Maar de sociale partners komen er niet uit. Het kabinet besluit dan maar zonder de sociale partners verder te gaan en stuurt een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer. Daarin wordt voorgesteld de AOW-leeftijd te verhogen naar 67 jaar. Kort daarop hervatten de werkgevers en werknemers de pensioengesprekken.

2010

Het pensioenstelsel is niet toekomstbestendig en moet aan de levensverwachting gekoppeld worden, concludeert een commissie onder leiding van professor Kees Goudswaard.

Het pensioenoverleg wordt even verstoord door de val van het kabinet, maar later dat jaar lijken de sociale partners elkaar toch te vinden. Ze stemmen in met een verhoging van zowel de pensioen- als de AOW-leeftijd. De details worden uitgewerkt.

2011

In juni ligt er een eindelijk een nieuw conceptakkoord. Er is echter een probleem: FNV Bondgenoten, de grootste bond binnen de FNV, wijst het akkoord af.

Het pensioenakkoord legt de tegenstellingen binnen de werknemersorganisatie bloot, die uiteindelijk tot een gigantische crisis leiden. De FNV dreigt rond september zelfs uiteen te vallen. Uiteindelijk wordt dat voorkomen. De crisis is wel het begin van een jarenlang proces waarbij de FNV zichzelf omvormt tot één organisatie met meerdere bonden.

2012

Op het gebied van pensioenen is 2012 een zwaar jaar. De financiële positie van de pensioenfondsen verbetert niet voldoende. Tientallen fondsen kondigen kortingen voor 2013 aan.

Bovendien valt het eerste kabinet-Rutte; de PVV wil niet instemmen met bezuinigingen. Om toch te kunnen bezuinigen, wordt het zogenoemde Kunduzakkoord gesloten; een akkoord tussen de regeringspartijen VVD en CDA en de oppositiepartijen D66, GroenLinks en ChristenUnie. In het akkoord staat onder meer dat de AOW-leeftijd al vanaf 2013 in kleine stapjes omhooggaat. Daarmee komt het kabinet terug op een belofte uit het pensioenakkoord van een paar jaar terug.

2013

Mark Rutte is inmiddels begonnen aan zijn tweede kabinet. Meer pensioenfondsen kondigen kortingen aan. Het CPB publiceert na drie jaar onderzoek een rapport over de zogenoemde doorsneesystematiek. Met dit systeem betaalt jong en oud bij hetzelfde pensioenfonds dezelfde pensioenpremie. Dit lijkt eerlijk, maar komt in feite neer op een vermogensherverdeling van jong naar oud. Het afschaffen daarvan kost 100 miljard euro.

2014

De toenmalige staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid roept "alle Nederlanders" op mee te praten over de toekomst van het pensioenstelsel. Dat kan via een speciale website. Klijnsma zegt graag te willen weten hoe "iedereen erover denkt".

Klijnsma weet daarnaast een wetsvoorstel door de Tweede en Eerste Kamer te loodsen. Daarin staat dat pensioenfondsen hogere financiële buffers moeten aanhouden.

2015

De nationale pensioendialoog eindigt. Na het "grote onderhoud" is volgens Klijnsma nu een stelselwijziging nodig.

De Sociaal-Economische Raad (SER) publiceert een voorstel om iedereen in de toekomst zijn eigen pensioenvermogen te laten opbouwen. De doorsneepremie, waarmee jongeren meebetalen aan het pensioen van ouderen, zou moeten verdwijnen. Om de risico's te delen, zou het nieuwe stelsel wel collectieve trekjes moeten houden.

2016

De SER komt met een nieuwe verkenning. Die bevat informatie over een persoonlijk pensioenvermogen met een collectieve risicodeling. De verkenning gaat ook in op de vraag hoe een eventuele overgang kan plaatsvinden.

2017

Het kabinet-Rutte III treedt aan. Wouter Koolmees, de nieuwe minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, wil begin 2018 de belangrijkste lijnen van een nieuw pensioenstelsel duidelijk hebben.

2018

Er lekt een conceptakkoord van het overleg tussen werkgevers en vakbonden. Daarin stijgt de AOW-leeftijd pas in 2025 naar 67 jaar, vier jaar later dan eerder is afgesproken. Later eist de FNV dat de pensioenleeftijd wordt bevroren op 66.

Het pensioenoverleg verloopt moeizaam, uiteindelijk schuift ook premier Rutte aan. Het mag niet baten. Uiteindelijk loopt de FNV weg: het pensioenoverleg klapt.

De AOW-leeftijd en de boete die je krijgt als je eerder met pensioen wil, blijken de grootste struikelblokken te zijn. Ook werden de partijen het niet eens over de mogelijkheden voor mensen met een zwaar beroep om eerder te stoppen met werken.

2019

De vakbonden voeren actie om de pensioenleeftijd te bevriezen op 66 jaar. En met succes, lijkt het.

Deze week nodigt Koolmees de bonden, werkgeversorganisaties en de SER weer uit om de onderhandelingen over het pensioen op "zeer korte termijn" te hervatten.

Koolmees wil niet de pensioenleeftijd bevriezen, maar ziet wel ruimte "om nadere afspraken te maken over het minder stringent koppelen van de AOW-leeftijd aan de levensverwachting".