Het voornemen van minister van Onderwijs Ingrid van Engelshoven om de rente op studieschulden te verhogen, is in strijd met het internationaal onderwijsrecht, stellen het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) en het Landelijk Studenten Rechtsbureau (LSR) maandag. De studentenorganisaties hebben hier juridisch onderzoek naar gedaan.

Nederland heeft eerder een internationaal verdrag ondertekend, waarin staat dat het hoger onderwijs "geleidelijk aan kosteloos moet worden gemaakt".

"Het spekken van de staatskas met het kostbare geld van studenten blijkt onrechtmatig. Dat werpt nieuw licht op het debat in de Eerste Kamer, daar waar de rechtmatigheid van wetten getoetst wordt", zegt ISO-voorzitter Tom van den Brink.

Afgelopen december is het wetsvoorstel om de rente te verhogen met een kleine meerderheid aangenomen door de Tweede Kamer. Op 28 mei wordt het door de Eerste Kamer behandeld.

Organisaties dreigen met 'verdere juridische stappen'

Het ISO en het LSR willen dat Van Engelshoven het wetsvoorstel intrekt. Als de Eerste Kamer instemt met het voorstel, zullen de organisaties "verdere juridische stappen ondernemen".

Het plan houdt in dat de rente op studieleningen wordt gekoppeld aan de tienjaarsrente. Nu is de rente op studieleningen nog gekoppeld aan de rente op staatsleningen met een looptijd van vijf jaar. De tienjaarsrente ligt hoger dan de vijfjaarsrente.

De hogere rente zal de gemiddelde student ongeveer 5.000 euro extra schuld bezorgen, schreef Van Engelshoven eerder in een Kamerbrief. Daarbij wordt uitgegaan van 12 euro per maand gedurende 35 jaar.

Het plan zou het Rijk 226 miljoen euro opleveren. Die opbrengsten gaan naar de algemene begroting. Als het geld zou worden geïnvesteerd in onderwijs of de financierbaarheid van het leenstelsel, zou de renteverhoging niet in strijd zijn met het verdrag, concluderen de organisaties.

De maatregel moet gaan gelden voor studenten die vanaf 2020 beginnen aan een studie in het hoger onderwijs.