Consumentenproducten en -diensten werden in februari 2,6 procent duurder dan een jaar eerder. In de eurozone zijn de prijzen met een stijging van 1,5 procent veel minder hard gestegen, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag aan de hand van de Europese geharmoniseerde consumentenprijsindex HICP.

De HICP houdt geen rekening met de kosten van wonen. Ook de consumentprijsindex (CPI), met alleen Nederlandse prijzen en ook woonkosten, duidt op een prijsstijging van 2,6 procent. In januari was de stijging nog 2,2 procent ten opzichte van een jaar eerder.

Bij de CPI wordt gekeken naar het prijsverloop van veel verschillende goederen en diensten, van dagelijkse boodschappen tot kleding, huur, verzekeringspremies en benzine. Hiermee is de index een belangrijke indicator voor de inflatie.

Stijgende prijzen voor diesel en benzine

De stijging van consumentenprijzen is vooral te wijten aan duurdere autobrandstoffen. In februari betaalden consumenten 0,9 procent meer voor 1 liter benzine dan een jaar eerder. In januari was juist een prijsdaling te zien van 2,7 procent.

Diesel was in februari flink duurder (7,4 procent) dan een jaar eerder. In januari was de prijsstijging nog 1,1 procent.

Ook de prijsverhogingen van vliegtickets en kleding hadden een verhogend effect op de stijging van consumentenprijzen.