'Het verbaast me niet als de benzineprijs boven 2 euro uitkomt'

De olieprijs stijgt flink op de wereldmarkten en dat voelen automobilisten ook aan de pomp. Paul van Selms van United Consumers denkt dat de prijs van benzine naar meer dan 2 euro per liter kan stijgen.

Dit zou een nieuw record zijn. In 2012, toen een vat Brent-olie bijna 120 dollar kostte, steeg de prijs voor 1 liter Euro 95 naar 1,87 euro. Maar in 2013 stortte de olieprijs in, met een dieptepunt in 2016 van ongeveer 30 dollar per vat.

De prijzen uit 2012 komen langzaam maar zeker weer dichterbij. In het afgelopen jaar is de prijs van ruwe olie met bijna 50 procent gestegen. Voor een vat Brent-olie werd deze week zo'n 76 dollar betaald.

De oorzaak moet worden gezocht bij de maatregelen van OPEC, het oliekartel van olieproducerende landen. Landen zoals Saoedi-Arabië, Irak en Koeweit proberen sinds vorig jaar de olieprijs te verhogen door de productie te beperken. Ook Rusland, één van de grootste olieproducenten ter wereld, heeft zich aan deze afspraken van het kartel gecommiteerd.

De maatregelen van de OPEC lijken steeds beter te werken. Tegelijk neemt de vraag naar olie, gestuwd door de groeiende wereldeconomie, flink toe. Waarschijnlijk zal de vraag naar olie dit jaar voor het eerst de grens van 100 miljoen vaten per dag slechten.

Verder stijgen

Die invloed van de olieprijs is belangrijk voor de prijs aan de pomp. "Het is niet zozeer de incidentele olieprijs die de pompprijs bepaalt, maar het structurele prijsniveau", vertelt Van Selms. "Al is het wel zo dat als de olieprijs vandaag 1 dollar per vat stijgt, je dat morgen aan de pomp ziet. Die correlatie is heel sterk. Elke dag passen de oliemaatschappijen hun prijzen aan de olieprijs aan."

Nu wordt 1,794 euro voor 1 liter Euro 95 betaald. Van Selms ziet de olieprijs, en dus ook de benzineprijs, de komende jaren nog wel verder stijgen. "Ik zou er niet van staan te kijken als de pompprijs van benzine boven de 2 euro per liter komt. Mensen zullen klagen, maar wel blijven rijden. Ze moeten toch naar hun werk toe."

"In het verleden werd gezegd dat een olieprijs van 100 dollar niet zou kunnen, dat de economie dan naar de knoppen zou gaan en we naar alternatieven gaan zoeken. Maar je kunt wel willen omschakelen, maar zo makkelijk is dat helemaal niet."

Afgestraft

"Ik was er altijd van overtuigd dat een olieprijs boven 100 dollar afgestraft zou worden", zegt Van Selms. Bij zo'n hoge prijs zou er vanzelf meer aanbod op de markt komen van de relatief dure olievelden, maar er blijken in de praktijk weinig alternatieven. "Ik denk inmiddels dat een prijs boven de 100 dollar reëler is, dan een prijs onder de 100 dollar."

De directeur van United Consumers denkt ook dat een hogere olieprijs simpelweg past bij de slinkende voorraden van relatief goedkoop op te pompen olie. "Er gaan ook steeds meer stemmen op dat gezien de schaarste van olie er gewoon een hogere prijs betaald moet worden om ook in de toekomst nieuwe velden te exploiteren."

"Wij vinden dat misschien niet reëel, omdat wij voor ons gevoel veel voor 1 liter benzine moeten betalen. Maar dat is ook een belastingsissue."

Besparen

Maar wat moet een consument doen om niet meer kwijt te zijn aan de pomp? Goedkoper tanken zal iedereen natuurlijk denken, maar Van Selms benadrukt ook het belang van zuinig rijden. Langzamer rijden, de banden oppompen en eerder naar een hoge versnelling schakelen, kan op jaarbasis 10 procent schelen.

Verder loont het om een zuinige auto te hebben. "Het klinkt misschien een beetje raar, maar auto's maken best een ontwikkeling door in verbruik." Vooral nieuwe kleinere auto's zijn een stuk zuiniger dan de auto's van vroeger.

"Nu zeg ik niet dat je per definitie een nieuwe auto moet aanschaffen, maar dat is ook een manier om zuiniger te rijden."

Lees meer over:
Tip de redactie