In randgemeenten van de grote steden wonen relatief veel mensen met een hoog inkomen. 

In de grote steden zelf liggen de inkomens juist lager, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dinsdag.

Vooral voor Utrecht, Eindhoven, Nijmegen en Tilburg gaat op dat het doorsnee besteedbaar inkomen in de omringende gemeenten beduidend hoger ligt dan in de steden zelf.

Voor Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Breda en Groningen geldt het in mindere mate ook, Almere is de enige van de tien grootste steden die qua inkomensopbouw nauwelijks afwijkt van de buurgemeenten.

Acht van de tien grootste steden hebben een lager doorsnee besteedbaar inkomen dan het landelijke gemiddelde van 25.500 euro. Alleen Almere en Breda zitten daar iets boven.

Top-5

De gemeenten met het hoogste doorsnee inkomen liggen vooral in het westen van het land. Grote uitzondering is Rozendaal in Gelderland, waar het mediaan inkomen van 36.700 euro meteen het hoogste van het hele land is.

Achter Rozendaal volgen Bloemendaal (34.700 euro), Laren en Oegstgeest (beide 32.300 euro) en Heemstede (32.200).

De gemeente met het laagste doorsnee inkomen is met 18.400 euro Groningen, wat volgens het CBS te verklaren is door het grote aantal studenten dat er woont. Ook de andere steden waar weinig verdiend wordt, hebben een grote studentenpopulatie. Het zijn Wageningen (20.100 euro), Nijmegen (20.300), Delft en Rotterdam (beide 20.500 euro).

Ongelijkheid

De inkomensongelijkheid is in Nederland relatief klein. Om die te berekenen wordt de zogenoemde Gini-coëfficiënt gebruikt en die ligt landelijk op 0,29.

In de vier grote steden is de ongelijkheid groter dan gemiddeld. De scheefste verdeling is te vinden in Amsterdam, met een coëfficiënt van 0,37.

Ook in Utrecht is de inkomensongelijkheid met 0,35 relatief groot, wat ook hier weer deels te verklaren is door de grote studentenpopulatie. Den Haag zit op een ongelijkheidsscore van 0,34 en Rotterdam op 0,31, de laagste score van de vier grote steden.

Doorsnee

Bij de cijfers is níet gekeken naar het gemiddelde inkomen, maar naar het doorsnee, of mediane inkomen. Dat wordt berekend door de inkomens van hoog naar laag te rangschikken, het niveau waar vervolgens precies evenveel huishoudens boven als onder zitten, is de doorsnee.

Het besteedbaar inkomen is in deze cijfers ook gecorrigeerd voor verschillen in grootte en samenstelling van het huishouden. De welvaartsniveaus van huishoudens zijn zo onderling vergelijkbaar gemaakt.