ABN Amro schond zorgplicht in rol van verzekeringsadviseur

ABN Amro is volgens de Geschillencommissie van klachteninstituut Kifid als verzekeringsadviseur tekortgeschoten in de zorgplicht.

De bank moet de daaruit voortvloeiende schade deels vergoeden, blijkt maandag uit een uitspraak van de commissie.

De zaak draait om een nabestaande van een klant van ABN Amro. Het gaat om een verzekering die aan een hypotheek is gekoppeld. De verzekering is bedoeld voor de aflossing van de hypotheek en het verlagen van de maandelijkse hypotheeklasten.

Na het overlijden van de verzekeringnemer werd een uitkering naar het minderjarige kind van het stel overgemaakt. Dit gebeurde vanwege de overlijdensrisicodekking van de verzekering.

Maar de partner was in veronderstelling dat hij de ontvanger van het bedrag zou zijn en niet het minderjarige kind. Doordat het kind de begunstigde is, kan het geld niet via een fiscaal gunstige vrijstelling worden gebruikt voor de aflossing van de hypotheek.

Nalatig

De consument stapte naar het Kifid en stelt dat het advies van ABN Amro over de verzekering nalatig en onjuist was. De bank zou wel aandacht hebben geschonken aan de overlijdensrisicodekking, maar niet stil hebben gestaan bij het probleem dat na overlijden zou ontstaan.

ABN Amro vindt dat verzekeringsnemers hun adviseur zelf moeten benaderen voor een gesprek over gewijzigde omstandigheden, zoals een aanpassing in de gezinssituatie.

De Geschillencommissie oordeelt nu dat adviseurs ook tijdens de looptijd van een verzekering moeten nagaan of een verzekering nog passend is.

Consumenten mogen van verzekeringsadviseurs dan ook "een actieve en voortdurende bemoeienis verwachten". De zorgplicht geldt niet alleen op het moment van het afsluiten van de verzekeringsovereenkomst.

Aandacht

"In deze klacht had de adviseur in het adviesgesprek in 2011 niet alleen aandacht moeten hebben voor de situatie bij leven van de partner en de consument, maar ook voor de situatie die zou ontstaan bij voortijdig overlijden", meent de commissie.

"Logischerwijs zou dan de begunstiging aan de orde zijn gesteld. Het ligt voor de hand dat de partner en de consument de begunstiging zouden hebben aangepast." De bank moet het financiële nadeel dat de consument ondervindt voor de helft compenseren.

Verantwoordelijkheid

De Geschillencommissie benadrukt dat de consument in kwestie ook een eigen verantwoordelijkheid heeft. Als de consument de verzekeringspolis goed had gelezen, dan had hij of zijn partner de begunstiging kunnen aanpassen.

Zij hadden in 2012 namelijk op het polisblad kunnen zien dat hun minderjarige kind de tweede begunstigde was, na de verzekeringnemer. "Deze nalatigheid van de consument leidt ertoe dat hij de helft van de schade zelf moet dragen", aldus de commissie.

De uitspraak van de commissie is bindend.

Lees meer over:
Tip de redactie