Huishoudens bezuinigden op auto's en meubels

Huishoudens hebben de afgelopen jaren vooral bezuinigd op de aanschaf van auto's, andere voertuigen en meubelinrichting. De waarde van de totale bezittingen nam daardoor licht af. 

Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het aandeel van voertuigen daalde van 26 procent in 2008 tot 25 procent in 2014. Het aandeel van woninginrichting zakte van 24 naar 22 procent. Deze daling had vooral te maken met de malaise op de woningmarkt.

De aanschaf van huishoudelijke apparaten steeg wel van 16 tot 17 procent. Dit kwam vooral door de introductie van nieuw apparaten zoals smartphones en tablets, waar ondanks de crisis veel vraag naar was.

In 2008 bezaten huishoudens nog voor 177 miljard euro aan woninginboedels en auto's. In 2014 waren deze bezittingen nog maar 167 miljard euro waard. Vóór de kredietcrisis nam het bezit aan woninginboedels en auto’s juist fors toe.

Waardevermindering

Bij de berekening van het bezit van spullen die huishoudens gedurende meer dan een jaar regelmatig gebruiken, wordt ook de waardevermindering meegenomen. In de jaren 2009-2011 hielden de aankopen nog gelijke tred met de waardevermindering, hierna zakten de aankopen onder de waardevermindering.

De totale consumptie in euro’s nam in de jaren 2008-2014 nog wel toe, maar het aandeel van de duurzame consumptiegoederen zakte in deze periode van 20 naar 17 procent.

Lees meer over:
Tip de redactie