De Nederlandse pensioenfondsen zijn er in de afgelopen maand financieel wat slechter voor komen te staan. 

De dekkingsgraad van pensioenfondsen daalde in maart van 106 naar 104 gemiddeld procent, meldt onderzoeksbureau Aon Hewitt woensdag. Daarmee staat de dekkingsgraad weer onder het vereiste minimum van ongeveer 105 procent.

De dekkingsgraad geeft aan in hoeverre fondsen aan hun verplichtingen kunnen voldoen. Het gaat dan bijvoorbeeld om het uitbetalen van pensioenuitkeringen in de toekomst.

De fondsen hebben vooral last van de lage rentestand. Om de economie te stimuleren, koopt de Europese Centrale Bank (ECB) sinds vorige maand staatsobligaties op bij banken. Daardoor is de toch al lage rente aanzienlijk gedaald.

Pensioenverplichtingen

Maar de lage rente zorgt er wel voor dat de pensioenverplichtingen van de fondsen flink in waarde zijn gestegen. Het ging om een plus van 7,1 procent. Dit konden de fondsen niet helemaal compenseren met hun rendementen op aandelen.

De actuele dekkingsgraad is overigens volgens nieuwe rekenregels niet meer bepalend voor indexatie (pensioenen laten meestijgen met de prijzen) en eventuele kortingen op pensioenen.

Uitgangspunt is nu de zogeheten beleidsdekkingsgraad. Dat is de gemiddelde dekkingsgraad over de laatste twaalf maanden. Die eindigde in maart op 108 procent. Dat is 1 procentpunt lager dan in februari.

Pensioenfondsen mogen de pensioenen niet verhogen als hun beleidsdekkingsgraad onder de 110 procent ligt.

Indexatie

"De kans op indexatie wordt de komende jaren steeds kleiner," zegt Frank Driessen van Aon Hewitt. "Doordat de actuele dekkingsgraad al geruime tijd onder de beleidsdekkingsgraad ligt, zal de beleidsdekkingsgraad verder dalen."

Hij verwacht dat veel pensioenfondsen een herstelplan moeten opstellen. De fondsen moeten dat plan uiterlijk 1 juni inleveren bij De Nederlandsche Bank (DNB).