Het huidige systeem waarbij een fictief rendement van 4 procent op vermogen wordt belast, zou kunnen worden afgeschaft. In plaats daarvan moet de Belastingdienst dan het werkelijk behaalde rendementen op vermogen belasten.

Daarvoor pleit hoogleraar internationaal belastingrecht aan de Universiteit van Amsterdam en fiscalist bij PWC Stef van Weeghel tegenover NU.nl.

De fiscalist spreekt woensdagmiddag tijdens een hoorzitting voor de Tweede Kamer over de herziening van het belastingstelsel. Het belasten van het daadwerkelijk behaalde rendement op vermogen is dan een van zijn punten.

"Kijk naar wat iemand daadwerkelijk aan spaar- en beleggingsinkomsten heeft ontvangen in een jaar en hef daar inkomstenbelasting over", zegt Van Weeghel.

Spaarrente

Sinds 2001 gaat de Belastingdienst er vanuit dat er op beleggingsvermogen een rendement van 4 procent wordt gehaald, daarover betalen belastingplichtigen 30 procent belasting in box 3 .

Dit percentage wordt alleen lang niet altijd gehaald, vooral vermogen op een spaarrekening (de Rabobank keert inmiddels minder dan 1 procent uit) komt hier niet aan. "Als veel mensen ergens ontevreden over zijn, waarom verander je het systeem dan niet?", vraagt de hoogleraar zich af.

Taak banken

De banken krijgen bij deze aanpassing van hem een belangrijke taak. "De banken moeten het werkelijk behaalde rendement op vermogen optellen en doorgeven. Zij sturen hun klanten al ieder jaar een soortgelijk overzicht."

Van Weeghel realiseert zich dat het een behoorlijke klus wordt om de ict-systemen daarop aan te sluiten, maar hij noemt die aanpassing haalbaar.

"Nu vindt de ene politieke partij een fictief rendement van 4 procent te laag, terwijl andere partijen het juist teveel vinden. Door te kijken naar wat burgers daadwerkelijk hebben verdiend met sparen en beleggen, sluit je aan bij draagkracht. Dit is de eerlijkste manier van belasten", aldus Van Weeghel.

'Voer enkel btw-tarief van 19 procent in voor lagere arbeidslasten'