'Één op drie huizen staat onder water'

Één op drie woningen die worden verkocht staat onder water. Verkopers moeten daardoor hun eigen spaargeld aanspreken, de ouders vragen om een bijdrage of een extra lening nemen.

Dit verklaart Netwerk Notarissen, een landelijk netwerk van 150 notariskantoren, op basis van een steekproef.

De brancheorganisatie is het niet eens met de uitspraak van minister Stef Blok (Wonen) die onlangs verklaarde dat het dieptepunt in de huizenmarkt voorbij is.

Volgens Lucienne van der Geld, juridisch directeur bij Netwerk Notarissen, worden de huidige problemen op de woningmarkt nog “onvoldoende onderkend”. 

Als een huis 'onder water' staat, is de waarde van de woning lager dan de hypotheek die is afgesloten om de aankoop te financieren. Als de woning wordt verkocht, moeten de verkopers dus een verlies nemen.

Stabiliseren 

"Dat er meer woningen worden verkocht en de prijzen stabiliseren, wil nog niet zeggen dat de crisis achter ons ligt. Je moet ook kijken naar de financiële positie van verkoper en koper", aldus Van der Geld. Volgens haar laat de steekproef zien dat er eerst gedegen onderzoek moeten worden gedaan naar de woningmarkt om conclusies te kunnen trekken.

In de steekproef werd ook gekeken of de kopers van een woning zelf een huis moesten verkopen. In ruim 45 procent van de gevallen was de koper een starter op de woningmarkt. Volgens Netwerk Notarissen geeft dit aan dat er weinig doorstroming is op de markt. 

Uit cijfers van Makelaarsland blijkt vrijdag dat er in juli een derde meer huizen werden verkocht, vergeleken met dezelfde periode een jaar eerder. "De vraag naar huizen blijft onverminderd hoog", aldus het makelaarskantoor. 

Vijf dingen die u moet weten over het kopen van een huis

Lees meer over:
Tip de redactie