Een bank kan niet zonder meer gebruik maken van het recht een woning in het openbaar te veilen omdat een klant een achterstand heeft in het aflossen van zijn hypotheek.

Dat blijkt uit een recent vonnis van de rechtbank in Amsterdam.

Van banken mag volgens de Amsterdamse voorzieningenrechter meer coulance worden verwacht, nu het economisch slecht gaat in Nederland en veel ''huizen onder water staan''.

Dat laatste wil zeggen dat de hypotheekschuld hoger is dan de waarde van het huis.

In de betreffende zaak dreigde een man te blijven zitten met restschuld van zeker 50.000 euro door de gedwongen verkoop van zijn woning, terwijl de totale schuld aan zijn bank ongeveer 15.000 euro bedroeg. Een schuld die te overzien is, vond de rechter.

Tot het uiterste

De man was naar de rechter gestapt om de veiling te voorkomen en kreeg gelijk. Ook omdat hij inmiddels zijn schuld aan de vereniging van eigenaren had betaald en had voldaan aan een andere betalingsvoorwaarde van de bank. Hij wist de rechter er bovendien van te overtuigen dat hij inmiddels extra inkomsten had om een regeling te treffen.

Volgens de in vastgoedrecht gespecialiseerde advocaat Thomas van Vugt betekent het vonnis dat een bank ''tot het uiterste'' moet gaan om een openbare veiling te voorkomen, zeker als door een regeling restschuld kan worden voorkomen. Voor woningbezitters die een soortgelijke zaak aan de hand hebben, is dit een belangrijke uitspraak, zegt hij.

Het vonnis is volgens de advocaat des te opmerkelijker omdat de man een 'veelpleger' is; hij had al drie keer eerder een betalingsregeling met de bank getroffen wegens betalingsachterstanden.