AMSTERDAM – De inkomensverschillen in Nederland zijn relatief klein. Ons land heeft bovendien een van de kleinste inkomensverschillen in Europa.

Dit blijkt uit dinsdag gepubliceerde cijfers van het CBS.

Zo is in de Duitsland de inkomensongelijkheid wat groter dan in Nederland. In Zweden,  Slovenië, Tsjechië en Finland zijn inkomensverschillen ook relatief klein.

In Letland, Portugal, Spanje, Griekenland en Roemenië zijn de verschillen tussen de inkomens in Europa het grootst.

Klik op de landen om de aantallen te zien. De gegevens zijn afkomstig van Eurostat. Bekijk hier een grote versie. - (c)NU.nl/Jerry Vermanen

Inkomensongelijkheid wordt berekend door uit te gaan van een gestandaardiseerd besteedbaar huishoudensinkomen. Als iedere inwoner van een land hetzelfde inkomen heeft, is dit uitgedrukt met een 0, totale ongelijkheid (één inwoner bezit al het inkomen) is uitgedrukt met een 1.

De inkomensongelijkheid ligt in Nederland de afgelopen jaren altijd rond de 0,27.

Alleen in 2007 nam het verschil tussen hoge en lage inkomens wat toe. Toen profiteerden de hoogste inkomens van de economische opleving. Tijdens de economische crisis van 2008 en 2009 werden deze zelfde inkomens echter als eerste getroffen.

Onder zelfstandigen zijn de inkomensverschillen traditioneel flink groter dan onder werknemers en uitkeringsontvangers.