AMSTERDAM - Veertig procent van de Nederlandse huishoudens heeft geen of te weinig financiële buffers. Dit blijkt uit berekeningen van het Nibud.

Volgens het instituut voor budgetvoorlichting zouden huishoudens tenminste 3550 euro aan spaargeld moeten hebben als buffer voor onvoorziene uitgaven als het vervangen van televisie, koelkast of wasmachine. Heeft een huishouden ook een auto, dan is een nog grotere buffer nodig.

Het Nibud berekent dit bedrag voor eenpersoonshuishoudens. Een echtpaar heeft volgens het instituut minstens 4000 euro nodig, een gezin met twee kinderen 5000.

Veel huishoudens hebben dit geld echter niet achter de hand. Zo’n 20 procent van de huishoudens heeft geen enkele financiële buffer en nog eens 20 procent heeft een buffer van minder dan 2000 euro, blijkt uit het onderzoek dat het Nibud in samenwerking met ING uitvoerde. 

Sparen

Zo’n 15 procent van de huishoudens spaart niet, 12 procent heeft helemaal geen spaarrekening.

Het blijkt vooral voor lagere inkomens (minder dan 1200 euro netto of tussen de 1200 en 1700 euro) lastig om te sparen. Ook voor alleenstaanden, laagopgeleiden, huurders en jongeren van 18-24 jaar is dit moeilijk.

Huishoudens met een koopwoning en een inkomen hoger dan 3000 netto per maand lukt het wel om structureel te sparen. Ook paren zonder kinderen, huishoudens met een koopwoning, vrouwen en ouderen boven de 65 jaar leggen bovengemiddeld geld opzij.

Een kwart spaart een vast bedrag per maand. Deze vaste spaarders leggen gemiddeld 9 procent van het maandinkomen opzij. De meeste huishoudens (40 procent) sparen echter onregelmatig.

Meer geld

Tegelijkertijd hebben de mensen die wel sparen, meer spaargeld dan voor de crisis. In 2006 had de helft van de huizenbezitters minstens 8500 euro op de spaarrekening staan. Dit bedrag is in 2011 gestegen naar minstens 17000 euro.

Het hebben van een buffer en om aan financiële verplichtingen te kunnen voldoen is wel een van de belangrijkste motieven om te sparen. Vaak sparen mensen ook voor hun kinderen en om iets na te kunnen laten. Het kopen van een woning of een bedrijf opzetten zijn ook belangrijke motieven om te sparen.