De fans hebben er lang op moeten wachten, maar eindelijk krijgt de Red Alert-serie een vervolg in Command & Conquer: Red Alert 3. Sjef vertelt je waarom je deze game moet spelen.

De Command & Conquer RTS-games hebben allemaal een aantal dingen gemeen. Ze hebben stuk voor stuk razendsnelle actie, toffe units, opzwepende gitaarmuziek, lachwekkend slechte plots en over-the-top acteerwerk in gniffelfilmpjes. De Red Alert-serie is wat dat betreft niet anders en ook dit derde deel doet weer lekker wat je ervan mag verwachten. Maar daar houdt het gelukkig niet bij op.

Het openingsfilmpje belooft alvast veel goeds. De Russen laten het tijdruimtecontinuüm in de soep lopen door maar weer eens terug te gaan in de tijd en Einstein uit te wissen. Als ze terugkomen in hun eigen tijd is alles veranderd. Geen Einstein, geen atoombom en dus zijn de wereldverhoudingen compleet op de schop. De geallieerden zijn streng in de verdediging gedrukt, maar de Russen zijn niet zonder meer de leidende partij. Er is namelijk een derde grootmacht opgestaan: Empire of the Rising Sun (je mag Japan zeggen).

Drie facties

Net als C&C3 en C&C: Generals heeft nu dus ook Red Alert 3 opeens drie facties. En dat doet de game goed. De facties onderscheiden zich duidelijk van elkaar. Zo zijn de Russen goedkoop, krachtig, traag en een beetje achterlijk, de Jappen snel, geavanceerd, veelzijdig en eerder slim dan sterk. De geallieerden hangen er een beetje tussenin en spelen voor vredesduifjes.

Deze karaktertrekken zie je terug in de units. De Russen hebben bottebijl-eenheden als de gigantische Apocalypse Tank, de Amerikanen schermen met slimme speldeprik-units als de Cryocopter met zijn verkleiningsstraal, en de Japanners betreden het strijdveld met high-tech roboteenheden als King Oni.


Ondertussen bouwen ze ook nog eens allemaal op een andere manier. Bij de Russen ‘bestel’ je een gebouw, je kiest er een plekje voor en de constructie begint. Bij de geallieerden klik je een gebouw aan en moet je wachten tot het geconstrueerd is, daarna mag je het op de map plaatsen. En de Japanners? Klik op een gebouwicoontje en er staat binnen enkele seconden een ‘Core’ naast je Construction Yard. Dit hybride wagenbootje kun je vervolgens naar een plek op de kaart dirigeren om hem daar uit te laten pakken tot een gebouw. Op die manier kun je als een bezetene een basis opzetten met de Empire of the Rising Sun, zeker als je een beetje geld hebt gespaard.

Snel vertrouwd

Daarmee zijn de Japanners op het eerste gezicht een vreemde eend in de bijt, maar de factie voelt al snel vertrouwd aan. Veel sneller dan bijvoorbeeld het geval was met de Skrin-factie in C&C3. De balans tussen de verschillende facties is dan ook absoluut in orde. Het is zeker nog niet perfect, maar daar komen updates voor. Bovendien zijn de minieme probleempjes die er nog voorkomen, absoluut niet storend genoeg om je spelplezier te vergallen.

Dat spelplezier is als vanouds. De gameplay is in principe niet veel veranderd ten opzichte van eerdere Red Alert-games. De actie is snel, de besturing soepel, de units zijn cool. Tesla Coils zijn geweldig en ook de special powers zijn als vanouds. Toegegeven, dankzij die achterlijke Russen bestaat er geen atoombom. Maar een gigantische tijdbom, die uit het niets verschijnt en na twintig seconden alles in een brede straal aan gort knalt, is toch ook niet verkeerd. Toch heeft deze derde Red Alert één grote vernieuwing die de hele game op zijn kop zet: co-op missies.

Uitermate tof

Hoewel co-op in andere, met name first person, gamegenres al bijna standaard genoemd mag worden, is dit spelmechanisme voor RTS-games absoluut nieuw. En verrek, het is nog eens uitermate tof ook. Wie net als vroeger de campagnestand in zijn eentje wilt spelen, die kan dat doen. Je krijgt dan als co-op partner een computergestuurde commandant toegewezen.

Deze AI-commanders zijn best slim en doen niet snel iets waar je je aan kunt storen. Als je het zelf een beetje verprutst zal zo’n computergestuurde medestander zelfs zonder dralen de vijand bij je vandaan houden, zodat je rustig kunt sleutelen aan je gedecimeerde legertje. En mocht ’ie je toch in de weg lopen, dan kun je altijd nog commando’s geven met de knoppen linksboven in beeld.

Voor elk wat wils

De ultieme manier van spelen is echter online, samen met een vriend of wildvreemde gamer. Dit werkt haast fantastisch. Ik zeg ‘haast’, omdat er soms nog wel eens wat probleempjes kunnen optreden bij het uitnodigen van een speler. Deze problemen zijn echter kortstondig van aard en wegen niet op tegen de lol van het samenspelen met een onvoorspelbare, menselijke partner tegen een verbazend slimme computergestuurde vijand. Natuurlijk zijn niet alle missies even boeiend. Zeker in het begin zijn ze wel erg simpel van opzet, maar met negen missies per factie is er zeker voor elk wat wils.

Bijzonder aan deze co-op mode is ook het feit dat je samen naar de koddig geacteerde tussenfilmpjes mag kijken. Deze fragmenten zijn weer van belabberd niveau, precies zoals we het graag zien bij Command & Conquer. Er is blijkbaar niet bespaard op de casting, want acteurs als Tim Curry (de Russische premier), J.K. Simmons (über-Amerikaanse president) en Jenny McCarthy (commando Tanya) doen echt hun best om de accenten en de lichaamstaal er zo dik mogelijk bovenop te leggen. Samen om deze filmpjes kunnen lachen is een stuk leuker dan in je eentje, kan ik je vertellen, of het nu is via de voice chat of niet. Al is het wel jammer dat de filmpjes niet full-screen over je scherm trekken.

Grafisch is Red Alert 3 absoluut een indrukwekkende titel. Het nieuwe, cartoony sausje is zeker charmant, units en gebouwen zien er strak uit. Extra indrukwekkend is het water. De glinster- en spiegeleffecten van dit natte spul nodigt je nog meer uit om te profiteren van de terugkeer van zeetroepen in een Command & Conquer-game. Onderzeeërs kronkelen onder het wateroppervlak met de golven mee en uit de kluiten gewassen vliegdekschepen laten zich netjes weerspiegelen in het diepblauwe goedje. Red Alert 3 brengt ‘ter zee’ weer terug in ‘ter land, ter zee en in de lucht’, en je had geen betere terugkeer kunnen wensen.

Schoonheidsfoutjes

Red Alert 3 is natuurlijk niet perfect. Er blijven wat schoonheidsfoutjes optreden in de path finding. Soms blijven units achter elkaar steken, terwijl er toch echt genoeg ruimte is om elkaar te passeren. En zoals gezegd wil het uitnodigen van een co-op partner (echt) heel af en toe niet in één keer lukken. Ook is het jammer dat de camera constant zo dicht op de actie zit. Een beetje meer uitzoommogelijkheid had echt geen kwaad gekund. En een enkele eenzame leunstoelstrateeg zal misschien met weemoed terugdenken aan die echte singleplayer-campagne van weleer, want die is er nu niet meer.

Maar als je Red Alert 3 eenmaal hebt opgestart, zul je zien dat je echt niet meer toekomt aan de kniesoor uithangen. Wat wil je ook: de game is mooi, bruut, old-school en vernieuwend tegelijk. Maar Red Alert 3 is bovenal gewoonweg één brok vermaak en sarcastisch knipogenwerk. Met bijna dertig missies om je doorheen te worstelen, samen met een vriend of computerpartner, ben je er met gemak tientallen uren mee zoet. En dan moet de oneindige skirmish-pret nog beginnen. Als strategieliefhebber kun je deze game eigenlijk gewoon niet laten liggen. (90%)


Platform: PC, Xbox 360 | Release: 31/10/2008 (PC), 14/11/2008 (Xbox 360)