Goud. Volgens Wikipedia is het “een scheikundig element met symbool Au en atoomnummer 79. Het is een geel metalliek overgangsmetaal. Het wordt soms ’de koning der metalen’ genoemd”. Mooie woorden die zo uit de mond van je scheikundeleraar zouden kunnen komen. De Amerikaanse soldaten uit DICE’s nieuwse shooter Battlefield: Bad Company zien het echter anders: zij zien in goud het uitstekende middel om rijk mee te worden!

Goudkoorts en slecht gezelschap een prima combinatie

Goud. Volgens Wikipedia is het “een scheikundig element met symbool Au en atoomnummer 79. Het is een geel metalliek overgangsmetaal. Het wordt soms ’de koning der metalen’ genoemd”. Mooie woorden die zo uit de mond van je scheikundeleraar zouden kunnen komen. De Amerikaanse soldaten uit DICE’s nieuwse shooter Battlefield: Bad Company zien het echter anders: zij zien in goud het uitstekende middel om rijk mee te worden!

Met Bad Company gooit DICE het over een geheel andere boeg. Niet langer staat de multiplayerkant van het spel centraal, men legt nu de nadruk op de singleplayer-ervaring. Dat kun je best als een gedurfde stap zien, want het is immers multiplayer waar DICE furore mee heeft gemaakt. Nog zo’n verandering ten opzichte van hun vorige Battlefield-spellen is dat Bad Company voor het eerst alleen op de huidige consoles verschijnt en wel op de Playstation 3 en de Xbox 360. Natuurlijk was Battlefield 2: Modern Combat al eerder op de Xbox 360 verschenen, maar dat was slechts een conversie: Bad Company is volledig nieuw te noemen, met spelmodi en speleigenschappen die we nog niet eerder gezien hebben.


Eén van die nieuwigheden zal dus de singleplayer zijn, die vooral grappig moet gaan worden. Kijk alleen maar naar de voorkant van het hoesje: het handgranaat met een geel lachebekje erop. Nou ja, of dat werkelijk humor is, daar kun je over twisten. Wel is zeker dat het allemaal minder serieus gaat worden dan in de eerdere delen uit de reeks. Neem nou alleen al het verhaal. In voorgaande Battlefield-spellen ging het nergens over. Of het waren de Amerikanen tegen terroristen of Geallieerden tegen de Duitsers. In Bad Company niets van dit alles: geheel in de stijl van de film Three Kings ga jij als één van het viertal Amerikaanse soldaten op zoek naar een flinke lading goud. Als soldaat mag je tegenwoordig dan wel een aardig zakcentje verdienen, maar als je weet dat er goud in de nabije omgeving is en je bovendien weet dat de rebellen waar je eerder van hebt gewonnen toch het land uitvluchten en het goud achterlaten, dan is het antwoord zo klaar als een klontje: deserteurtje spelen! En als het gewilde goedje dan toch al praktisch voor het grijpen ligt…


Iets als goud stelen doe je natuurlijk niet alleen, vandaar dat je besluit om jezelf aan te sluiten bij een drietal andere soldaten die hetzelfde doel hebben. In het begin moeten ze nog weinig van je hebben en krijg je continu allerlei opmerkingen naar je kop geslingerd. Echter, naarmate het verhaal vordert en je meer en meer goud weet te bemachtigen (en dus verder in het spel komt) weten ze je toch te waarderen. Een goede band met je maten is ook wel wenselijk, want voor de rest zal de reis naar het goud een eenzame tocht worden waar je voor de rest weinig Engelssprekende mensen tegen zult komen. Wel een hoop Russische vijanden, maar voor de rest ben je toegewezen op je eigen Amerikaanse maatjes en dat creëert ongetwijfeld een melig sfeertje. Althans, dat zeggen ze.


De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik persoonlijk nog niet helemaal onder de indruk was van het singleplayerverhaal dat DICE ons voorschotelde. Het humoristische tintje spatte er vooralsnog allesbehalve vanaf en ook de missies die je moet doen in Bad Company voelen als meer van hetzelfde. Toegegeven, het is gaaf dat je je begeeft door énorm grote (vernietigbare, maar straks meer over) omgevingen waar je lekker met voertuigen rond kunt gaan kloten of één van de zovele weggetjes kiest om uiteindelijk bij je doel te komen. Maar toch, in hoeverre dit spel zich gaat onderscheiden in de singleplayer ten opzichte van een Call of Duty 4, wat gewoon van het scherm afspatte en bij vlagen ook de nodige humor bevatte, is mij nog niet helemaal duidelijk. Wellicht zullen we daar tijdens verdere speelsessies nog op terugkomen, maar vooralsnog zijn we sceptisch over het door DICE zo geprezen singleplayerspektakel.

Muurtje opblazen? Geen probleem!

De multiplayer daarentegen is een heel andere kwestie. DICE heeft al eerder laten zien hier heer en meester in te zijn en echt, dat hebben we gemerkt. Tijdens het bezoek aan het hoofdkantoor van DICE in Stockholm konden we met maximaal 16 man (24 in de uiteindelijke versie, maar zoveel consoles waren er kennelijk niet) lekker ongebreideld de gehele dag knallen. Opvallend genoeg was dit midden in de (ruime!) keuken van DICE zelf, zodat het ‘kijkje in de keuken nemen’ wel erg letterlijk opgevat kon worden. In ieder geval was het een gaaf gezicht, want wie kan nou zeggen dat je hebt lopen netwerken met 16 anderen (waarvan de helft voorzien was van gigantische plasma-schermen) in een ruimte waar normaliter sandwiches in de pauzes worden weggewerkt?


Het was eigenlijk wel vreemd, want men zette hoog in op de singleplayer, maar uiteindelijk werd het de multiplayer die ons het langst bijbleef. De multiplayer van Bad Company is namelijk anders dan de traditionele spelmodi van andere spellen. Weg zijn de gebruikelijke Deathmatch-potjes of de zoveelste Capture the Flag-gevechten. In Bad Company draait het allemaal om de modus genaamd Goldrush. Dit mag dan wel de enige modus zijn die er in het spel verwerkt zit, maar het heeft dan ook gelijk alles wat je verwacht van een hedendaagse shooter: verhitte man-tot-man gevechten, het Attack & Defend-principe, een flinke dosis Search&Destroy erin en als je erop uitbent om gewoon samen met wat maten het andere team het leven zuur te maken, dan storm je gewoon op de anderen af á la een Team Deathmatch.


Zoals de naam Goldrush al aangeeft is het ook in de multiplayer van Bad Company van belang dat je jezelf focust op goud. De aanvallers dienen uiteindelijk het goud te stelen terwijl de verdedigers dat koste wat het kost moeten zien te voorkomen. En geloof me, dat kan nog een hele helse klus worden. Hoewel Bad Company veel wegheeft van de kaskraker van vorig jaar, Call of Duty 4, in termen van schietgerei, het in rang stijgen en zelfs de besturing ervan, weet het spel zich op twee manieren enorm te onderscheiden: vernietigbare omgevingen en een vernieuwde manier van spawnen.

Laten we beginnen met het destructieve karakter van het spel. Mits je in het bezit bent van een wapen dat naast het doden van anderen ook het bijkomstige voordeel heeft dat het kraters in de grond kan slaan, heb je de mogelijkheid om complete stukken muur, hekken of andere obstakels in het spel volledig weg te blazen. Zie je een vijand wegsprinten in een huis nadat hij je maat neergeschoten heeft en zin je op wraak, dan pak je gewoon je granaatwerper. Met een gemikt schot blaas je vervolgens de muur weg waar deze snoodaard dacht veilig te zijn. Zoals je weet is niemand veilig zonder dekking en Bad Company is hier geen uitzondering op. Hetzelfde geldt voor hekjes. Ik herinner me een situatie waarin iemand keihard langs een schutting rende om zodoende vanuit de achterlinies te hergroeperen met zijn team. Dat had hij beter niet kunnen doen, want de slimme tegenstander besloot het hek finaal uit het level te blazen. Mijn medespeler stond dan ook even later helemaal zonder beschutting, want resulteerde in een mooi kogelgaatje tussen zijn ogen.


Diezelfde tactieken kun je ook gebruiken om goud te stelen. Wat nou de deur gebruiken? We maken zelf wel een gat! En als het even moet, twee. Drie. Vier. Vijf, wat jij wilt. Het kan allemaal. Tot op een zekere hoogte dan (figuurlijk gesproken, het dak kan er wel gewoon af als je dat zou willen. Erg handig tegen sluipschutters trouwens): DICE heeft na eerdere interne speelsessies besloten om het vernietigbare karakter van het spel enigszins in te perken. Om uiteindelijk in een leeg veld over te blijven staan bleek toch niet zo heel geslaagd, dus er werd besloten om het niet al te gortig te maken. Gelukkig valt er nu nog steeds een hele hoop weg te blazen, dus het zal zeker niet blijven bij hooguit een deurtje hier en daar. Saillant detail is dat ook de ingame advertenties op te blazen zijn. Had je het toch al niet zo op die Viagra-reclames, dan blaas je die toch gewoon even op? De adverteerders zijn hiervan trouwens op de hoogte, maar kennelijk zien zij daar ook wel de lol van in. Gelukkig maar.


Een tweede feature dat Bad Company onderscheidt ten opzichte van Call of Duty 4 is de mogelijkheid om te spawnen naast je teammaten. Niet langer hoef je dat hele end opnieuw te lopen, maar kun je er nu gelijk voor kiezen om direct midden in de actie terecht te komen. Een ietwat riskante keuze, maar het kan een behoorlijk strategisch voordeel opleveren. Daarnaast is het ook gewoon een enorm handige functie want er is niets erger dan een heel stuk te lopen richting de vijand om uiteindelijk neergeschoten te worden door een sluipschutter die zich ergens in de bosjes had verscholen. Dat spawnen gaat niet willekeurig: door een aangepaste partyoptie kun je een eigen team van maximaal vier man opstellen. Heb je dus drie vrienden die zich allemaal gespecialiseerd hebben in één van de vijf klassen (onder andere Assault, Recon en Specialist), dan kun je dus een eigen team vormen binnen één team. Dit idee tilt de bestaande partymodus van Call of Duty 4 dus naar een hoger niveau wat gewoon de nodige voordelen én speelplezier met zich meebrengt.


Een ander minder omvangrijk verschil, maar minstens zo leuk, is de toevoeging van voertuigen. Jeeps, tanks, helikopters, allen zijn ze vertegenwoordigd in Bad Company. Hoewel ze minder van belang waren in het kleinste level (wij speelden een typisch Russisch stadje wat meer gericht was op infanteriegevechten), valt het goed voor te stellen dat in de grotere mappen voertuigen een uitkomst zullen zijn. Klein puntje van kritiek was er wel richting het healthsysteem. Battlefield: Bad Company bevat weer het aloude systeem waarin je gezondheid uitgedrukt worden in percentages. Niets geen automatisch genezen wanneer je even wegduikt in een donker hoekje: ben je geraakt, dan moet je er even een gezondheidsspuit bijpakken om de schade op wonderbaarlijke wijze ongedaan te maken. Spelers die tegenwoordig gewend zijn aan het automatisch genezen moeten dus weer even goed op hun hoede zijn in Bad Company. Daarnaast staat wel tegenover dat je meer kogels kan incasseren. Mits ze niet in het hoofd zijn natuurlijk, want kogels koppen lukt nog steeds niemand.


Wanneer komt het spel eigenlijk uit, vraag je jezelf misschien af. Welnu, men gokt op een juni-release dit jaar. Daarnaast liet één van de producers mij weten dat er over niet al teveel weken een beta komt, vergelijkbaar met die van Call of Duty 4. Daarin zullen een paar maps zitten, tezamen met een maximum te behalen rank. Wanneer dat zal zijn kunnen we niet exact zeggen, maar ik gok op een betatest zo rond april. Spelers die niet vies zijn van een portie Call of Duty 4 maar wel te porren zijn voor een waardig alternatief moeten dan zeker Bad Company in de gaten houden. Op singleplayergebied lijkt het alles nog niet waar te maken, maar de multiplayer heeft ons absoluut overtuigd.